OCR:ed block content:
Vereenigde Javasche Houthandel Mpijen. te Amsterdam.
Opgericht: 27 Jan. 1917. Duur: tot 31 Dec. 1973. Doel: de
exploitatie van bosschen in Ned .- Indië, het bewerken, verwerken en vervoer
van hout, de handel in hout, de behandeling van hout enz. Inbreng:
Concessies en etablissementen op Java der Javasche Bosch Exploi-
tatie Maatschappij en der Nederl .- Indische Houtaankap Maatschappij,
31 Dec. 1919 bestaande uit 17 perceelen. Einde 1926 waren vier (v. j. vier)
perceelen in exploitatie. Overeenkomst met het Gouver-
nement van Ned. Indië. Op 1 Jan. 1925 werd met de Ned .-
Indische Regeering overeengekomen dat deze gedurende minstens 20 jaren
een minimum hoeveelheid product aan de mpij. zal afstaan tegen ver-
goeding van de zuivere oogstkosten en een vaste retributie.1) De N. I.
Regeering verkreeg tevens recht op het aandeel in de winst der mpij., dat
hierna in de winstverdeeling is genoemd en recht tot benoeming van de
kleinste meerderheid van den Raad van Commissarissen. De mpij. verbond
zich in verband met deze overeenkomst om de voornaamste bezittingen der
V. I. B. E. M. over te nemen, waartegenover echter ook alle verplichtingen
voortvloeiende uit de 6 pct. obligatieleening der V. I. B. E. M. ten laste
der mpij. komen. De vordering van de V. J. H. M. op de V. I. B. E. M.
werd als vereffend beschouwd door bedoelde overdracht der bezittingen.
Omtrent de onderhandelingen tot het openen van een gemengd Be-
d r ij f met de N .- I. Regeering, waarvoor later in de plaats kwam de hier-
boven aangegeven overeenkomst, zie men de kleine letter op pag. 1456 van
deel I 1925. Kapitaal f 6.000.000, verdeeld in 600 aand. van f 10.000,
waarvan aanv. geplaatst f 4.000.000 (einde 1917 verhoogd tot f 5.000.000), voor
de helft in het bezit der Javasche Bosch Exploitatie Mpij.
en voor de wederhelft in het bezit der Ned. Ind. Houtaankap
Mpij. De V. J. H. M. heeft een 5} pct. obligatieschuld, oor-
spronkelijk groot f 2.235.522.76}, ontstaan bij 'den inbreng en welke in
het bezit der voornoemde oprichtersmaatschappijen is. Men zie voor het
bezit van het nog uitstaande bedrag ad f 1.482.000, de balansen der moe-
der-mpijen. (J. B. E. M. en N. I. H. M.) Verder is de maatschappij
hoofdelijk mede-debitrice voor de 6 pct. obligatieleening
thans groot f1.200.000 der hiervoor afzonderlijk behandelde V. I.
B. E. M., welke obligatiën officieel genoteerd worden Met het oog op
de groote uitbreiding van het bedrijf stond, tot vergrooting van het werk-
kapitaal op 18 November 1920 bij de kantoren der Rotterdamsche Bank-
vereeniging, de inschrijving open op f 2.000.000 7 pct. Obligatiën,
groot f 1000, tot den koers van 99 pct., coupons per 1 Juni en
1 December, aflossing à pari bij uitloting in twintig jaarlijksche
termijnen à f 100.000 elk; le aflossing op 1 December 1930. Coupons
verjaren na 5 jaar. Trustee: Nederl. Admin. en Trustkantoor.
Vóór 1 December 1930 mag geen aflossing plaats hebben. Omtrent de
bezittingen der maatschappij werd in het prospectus gemeld, 'dat in de
posten „Terreinen en gebouwen" en „Railbaan etc." (31 Dec. 1919), stille
reserves schuilen van resp. f 2.400.000 en f 600.000. De obligatiën werden
in April 1921 in de officieele noteering opgenomen. Winstverdee-
ling: De Raad van Commissarissen bepaalt welk gedeelte der winst voor
uitkeering zal worden bestemd. Van dit gedeelte komt eerst f 225.000
vast ter beschikking van 'de Algemeene Vergadering, van de rest 10 pct.