OCR:ed block content:
Rotterdamsche Tramweg-Maatschappij, te Rotterdam.
Opgericht: 12 November 1878. Duur: tot 31 December 1948.
Doel: Aanleg en exploitatie van tramwegen, stoombootdiensten enz.
Directeur: Ir. A. J. Kuiper. Commissarissen: Ir. J W. van
der Vegt, Mr. H. J. Knottenbelt en Ir. A. de Kanter. Voor f 2.025.000 in
aandeelen en f 2.000.000 in obligatiën werden door de Mpij. in den loop
van 1904 haar concessiën voor het Rotterdamsche net en voor de lijnen
Rotterdam-Schiedam en Rotterdam-Overschie in de Rotterdamsche
Electrische Tramweg Maatschappij ingebracht. De f 2.000.000 obligatiën
zijn verkocht. Men zie voor de in 1925 afgeloste beleening der f 2.025.000
aandeelen R. E. T. M. bij de Soc. des „Tramways de Rotterdam", de zeer
uitvoerige mededeelingen in oudere jaargangen, het laatst in den jaargang
1908, blz. 1360 e.v. De Mpij. exploit. zelve thans nog de stoomtr.wegen op de
Zuid-Hollandsche en Zeeuwsche eilanden, baanlengte plm. 229 K.M. (spoor-
lengte, incl. wissels, en raccordementen 294 K.M.), een vijftal stoomboot
veerdiensten ter verbinding van de verschillende deelen van dit net, sedert
Sept. 1923 den van de Stoomboot Mpij. Overflakkee overgenomen stoom-
bootdienst Middelharnis-Rotterdam, diverse inrichtingen voor het vervoer
van goederen per as, benevens vijf autobusdiensten. Zij heeft voorts alle
aandeelen eener autobusonderneming, die een 'dienst onderhoudt tusschen
Charlois en de Diergaardelaan (nabij station D. P.) Van de oorspron-
kelijke door de mpij. geëxploiteerde 3 paardentramwegen werd de laatste (te
Dordrecht) in 1919 geliquideerd. Kapitaal f1.000.000, geheel geplaatst.
Aandeelen groot f 1000 en f 250. Dividenden 1879-1900:
0, 0, 0, 4.5, 5.25, 7, 7, 7.75, 7.5, 7.5, 7.75, 8, 8, 7.75, 8.75. 9.5, 10, 11, 11, 11,
11 en 11 pct .; 1901-1917: 10, 9, 11, 11, 7}, 74, 71, 71, 73, 72, 74, 8, 8,
64, 74, 8 en 4 pct .; 1918-1920: nihil; 1921-1926: 3, 3}, 4, 5, 5 en 5 pct.
(no. 43, 30 Juni 1927). Op bewijs no. 24 werd 100 pct. (dus f 1000 per
aand. van f 1000 en f 250 per aand. van f 250) in April 1905 uitgekeerd áls
„financieel resultaat van den inbreng der mpij. in de Rotterd. Electrische
Tram Mpij." Voor nadere bijzonderheden dienaangaande zie men de jaar-
gangen 1907 en 1908. Winstverdeeling: Eerst 5 pct. aan aandeel-
houders, daarna wordt een bedrag voor afschrijving bepaald. Van
het dan resteerende komt 55 pct. aan aandeelhouders, 10 pct. aan
commissarissen, 9 pct. aan den directeur, 16 pct. aan de beambten en 10 pct.
aan het reservefonds. Den 11en November 1915 heeft bij de Heeren R.
Mees & Zoonen en de Rotterdamsche Bankvereeniging tot den koers van
100 pct. de inschrijving opengestaan op f 450.000 5 pct. obligatiën,
vormende met nog f 50.000, welke reeds onderhands geplaatst waren, het
laatste gedeelte der geldleening groot f 1.000.000, tot welker uitgifte op
16 April 1913 machtiging werd verleend; het eerste gedeelte dier leening is
uitgegeven in de hieronder vermelde 43 pct. obligatiën 1914. Coupures
en coupon data als bij de 4} pct. obligatiën. Aflossing uiterlijk bin-
nen 40 jaren door jaarlijksche uitloting à pari in de maand Juni, ter terug-
betaling op 1 Dec. d.a.v. Aflossingsplan: van 1917 tot 1925 f 11.000.
per jaar en te beginnen met 1926 minstens f 13.000 's jaars. Uit-
staand bedrag op 1 Januari 1927 f 388.000. Op 3 April 1914 werd van
een 42 pcts. obligatieleening 1914, groot f 1.000.000, een bedrag
van f 500.000 uitgegeven, in coupures groot f 1000, met coupons
per 1 Juni en 1 December. Aflossing (van de onderhavige f 500.000)
vanaf 1915 door uitloting in Juni ter aflossing à pari op 1 Dec. d.a.v. en