|
17389 |
CULTUURONDERNEMINGEN. 767 |
|
17390 |
Uit Verslag 1917. Tengevolge van de moeilijkheid, verbonden aan den afscheep |
|
17391 |
van producten, waaronder, evenals alle koloniale landen, ook de Congo lijdt, bevindt |
|
17392 |
de directie zich in de onmogelijkheid de in Afrika aangekochte producten geregeld |
|
17393 |
te gelde te maken en gevoelt zij zich, waar de betaling van de geleidelijk tot uitvoe- |
|
17394 |
ring komende bestellingen reeds noodzaakt een beroep op het crediet der vennoot- |
|
17395 |
schap te doen, hetgeen tot hoogen rentelast aanleiding geeft, verplicht alle niet |
|
17396 |
onvermijdelijke uitschotten voorloopig op te schorten. Het is niet te voorzien hoe |
|
17397 |
lang deze toestand zal voortduren, en met het oog hierop zal het aanbeveling |
|
17398 |
verdienen te gelegener tijd op versterking van geldmiddelen bedacht te zijn. De |
|
17399 |
directie vraagt daarom tevens aan de algemeene vergadering haar de bevoegdheid |
|
17400 |
te verleenen om het nog onuitgegeven kapitaal te plaatsen, het overlatende aan |
|
17401 |
de directie om, in overleg met de commissie, bedoeld bij art. 18 der statuten, de wijze |
|
17402 |
en den tijd waarop dit zal geschieden, te bepalen. De post aandeelen in Belgische |
|
17403 |
en Fransche maatschappijen is tegen het jaar te voren met f 184.216 verminderd. |
|
17404 |
Die vermindering spruit voort uit de liquidatie van de maatschappij la Brazzaville |
|
17405 |
en aan de reductie van het kapitaal der Ouhamé-Nana maatschappij van twee |
|
17406 |
millioen francs op frs. 1.200.000. De post bestaat thans uitsluitend uit aandeelen en |
|
17407 |
winstaandeelen van de Comp. du Kasai en uit aandeelen in de Ouhame-Nana, |
|
17408 |
waarvan de eerste op dezelfde waarde als ten vorigen jare zijn aangenomen, de |
|
17409 |
laatste op die van het gereduceerde bedrag. De liquidatie van la Brazzaville heeft |
|
17410 |
een bate opgeleverd, welke is aangewend voor hetgeen moest afgeschreven worden |
|
17411 |
op de waarde, waarvoor de aandeelen der Ouhamé-Nana te boek stonden. Door de |
|
17412 |
vermindering van het kapitaal dezer laatste maatschappij zijn alle verliesposten |
|
17413 |
en hetgeen twijfelachtig was op hare balans verdwenen. |
|
17414 |
COMPAGNIE DU KASAI. |
|
17415 |
Geschil met den Belgischen Staat. In den loop van 1910 besloot de Cie. du |
|
17416 |
Kasai een proces aan te vangen tegen den Staat wegens de ingevoerde vrijheid van |
|
17417 |
handel in het gebied waar de Cie. een feitelijk monopolie bezat. In Sept. besloot de |
|
17418 |
maatschappij het kapitaal te vergrooten tot Frs. 2.000.000, de nieuwe aandeelen |
|
17419 |
echter niet aan aandeelhouders, doch aan de 15 houders der oprichtersbewijzen |
|
17420 |
(de constitueerende mpijen) aan te bieden, waartoe het bestuur (volgens art. 4 der |
|
17421 |
statuten) het recht had. De Staat protesteerde echter tegen deze kapitaalsvergroo- |
|
17422 |
ting, doch deze vond nochtans plaats. Na langdurige onderhandelingen is men |
|
17423 |
tot overeenstemming gekomen. De Staat ontving destijds voor de verleening van |
|
17424 |
bovengenoemd monopolie de helft van alle aandeelen, nl. 2010 à Frs. 250 en de helft |
|
17425 |
van alle oprichtersbewijzen, zijnde eveneens 2010 stuks. De Mpij. kocht nu deze |
|
17426 |
aandeelen terug tegen Frs. 11.180.303, vermeerderd met 3 pct. rente van 1 Januari |
|
17427 |
1911 af. Van deze som vormde de tusschen partijen overeengekomen waarde der |
|
17428 |
aandeelen en oprichtersbewijzen Frs. 10.000.000, voorts Frs. 15.075 halsjaars-dividend |
|
17429 |
op de aandeelen en Frs. 1.000.000 idem op de oprichtersbewijzen; beide over de 1e |
|
17430 |
helft van 1910. De koopprijs was dus Frs. 11.015.075 per 1 Juli 1910, daar aan de |
|
17431 |
overeenkomst terugwerkende kracht tot dien datum werd verleend; de rente à 3 pct. |
|
17432 |
tot 1 Januari 1911 over dit bedrag is Frs. 165.228; voorts kwam daarbij, eveneens |
|
17433 |
à 3 pct., de rente van 1 Januari 1911 tot den dag van betaling, terwijl was overeen- |
|
17434 |
gekomen dat de voldoening van den koopprijs uiterlijk einde 1912 moest zijn geschied, |
|
17435 |
in eens of bij gedeelten, doch in termijnen van minstens Frs. 1.000.000.In October |
|
17436 |
1911 werd machtiging verleend tot het creëeren van Frs. 7.000.000 nieuwe obliga- |
|
17437 |
tiën, waarvan Frs. 6.000.000 werden uitgegeven. De opbrengst dezer uitgifte moest |
|
17438 |
dienen tot betaling der aan den Staat verschuldigde Frs. 11.000.000, waarvan reeds |
|
17439 |
Frs 3.500.000 voldaan was. |
|
17440 |
N.B. In de op 20 Mei 1915 te Brussel gehouden algem. vergadering werden de |
|
17441 |
balans- en winst- en verliesrekening over 1913 vastgesteld. Men vindt deze in jrg. |
|
17442 |
1917/18, deel I, pag. 705. Latere jaarstukken werder ons niet verstrekt. Red. |
|
17443 |
Bedrijf. Het rubberbedrijf werd in 1913 voorloopig gestaakt. Daarentegen legde |
|
17444 |
de mpij. zich meer op den mijnbouw en op het landbouwbedrijf toe. Bij rechterlijk |
|
17445 |
vonnis werd de termijnbetaling gelast aan de Compagnie du Kasai van frs. 316.966, |
|
17446 |
vertegenwoordigende de betaalde patentbelasting over de jaren 1904 en 1905. In 1914 |
|
17447 |
ging het Koloniaal Bestuur met de Compagnie du Kasai een ontwerp-overeenkomst |
|
17448 |
aan, waarbij de mpij. het recht werd toegekend om mijnbouwkundige onderzoekingen |
|
17449 |
te doen in verschillende streken van den Congo. De kolonie verbond zich tot 31 De- |
|
17450 |
cember 1920 aan Mpijen., op te richten door de Compagnie du Kasai, toe te kennen |
|
17451 |
het recht van exploitatie, gedurende 90 jaar na den datum der concessie, van alle |
|
17452 |
mijnen welke ten gevolge der onderzoekingen ontdekt mochten worden. Deze mijnen |
|
17453 |
zullen geen grootere gezamenlijke oppervlakte mogen hebben dan 100.000 H.A. en éen |
|
17454 |
mijn niet grooter dan 10.000 H.A. De regeering der kolonie of die van België heeft, |
|
17455 |
bij gelijken prijs, voorkeur op het goud dat uit deze mijnen mocht worden gepro- |
|
17456 |
duceerd. |