|
20627 |
MIJNBOUW-MAATSCHAPPIJEN. 825 |
|
20628 |
zijnde f 1.000.000 reeds vast geplaatst Het totale bedrag der uitstaande |
|
20629 |
preferente aandeelen zal nimmer grooter mogen zijn dan dat der uitstaande |
|
20630 |
gewone aandeelen. Er zijn 100 oprichtersbewijzen uitgegeven. |
|
20631 |
Dividend gewone aandeelen 1903-1917: 4, 4, 4, 6, 10, 6, 8, 8, 10, 10, 13, 5, |
|
20632 |
(no. 12), 0, 0 en 0 pct .; preferente aandeelen 1910: 3} pct. (6 mnd.); 1911- |
|
20633 |
1915: telkens 7 pct .; 1915-1917 : telkens 6 pct. (no. 11, 27 Mei 1918). U it k e e- |
|
20634 |
ring oprichtersbewijzen 1907-1913: f 200, 0, f200, f250, f 500, f 500 en |
|
20635 |
f 1250 (no. 6), sedert nihil. Winstverdeeling: eerst 6 pct. aan pref. |
|
20636 |
aand. ; voor 1910: 3 pct., de eventueel ontbrekende rente vullen uit de buiten- |
|
20637 |
gewone reserve, daarna 6 pct. gewone aandeelen. Van het resteerende: |
|
20638 |
10 pct. reservefonds en van het daarna overblijvende: 10 pct. pref. aandee- |
|
20639 |
len, 65 pct. gewone aandeelen, 25 pct. oprichtersbewijzen. 5 pct. obli- |
|
20640 |
gatiën van 1903, 1908, 1911 en 1913, met coupons per 1 |
|
20641 |
Februari en 1 Augustus. Aflosbaar door uitloting à pari in Mei, ter |
|
20642 |
afbetaling op 1 Augustus d.a.v. Versterkte of geheele aflossing |
|
20643 |
is geoorloofd, mits het plan hiertoe vóór 1 April is bekend gemaakt. Ge- |
|
20644 |
schiedt zulks voor de leening van 1908 vóór 1916, voor die van 1911 vóór 1919, |
|
20645 |
en voor die van 1913 vóór 1928, dan moet de aflossing à 101 pct. plaats |
|
20646 |
vinden. Het uitlotingsplan is voor de leening 1903 in de jaren 1904-1923, |
|
20647 |
voor de leening van 1908 in de jaren 1910-1929, voor de leening 1911 in de |
|
20648 |
jaren 1913-1932 als volgt: 60, 63, 67, 70, 74, 77, 81, 85, 89, 94, 99, 103, 109, |
|
20649 |
114, 120, 125, 132, 139, 146 en 153 stuks, terwijl het plan van aflossing voor |
|
20650 |
de leening 1913, als volgt is: 1915-1934: 90, 95, 100, 105, 111, 116, 121, 127, |
|
20651 |
133, 141, 148, 155, 164, 171, 180, 187, 198, 209, 219 en 203 obligatiën. De uit- |
|
20652 |
giften in 1913 geschiedden tot verdere uitbreiding der werkzaamheden en |
|
20653 |
in verband daarmede tot vermeerdering der kasmiddelen. Garan- |
|
20654 |
tie: De commanditaire venn. onder de firma Wm. H. Müller & |
|
20655 |
Co. te Rotterdam, stelt zich onvoorwaardelijk borg voor aflossing en rente- |
|
20656 |
betaling dezer leeningen. Trustee: Het Algemeen Administratie- en |
|
20657 |
Trustkantoor te Rotterdam. De inschrijving op de leening van 1903 ad |
|
20658 |
f 2.000.000 was op 18 Februari 1903 à 98 pct., die op de leening van 1908 |
|
20659 |
ad f 2.000.000 was op 16 Juli 1908 à 98 pct. opengesteld bij de Roterdamsche |
|
20660 |
Bank en Labouchere Oyens & Co.'s Bank; de leening van 1911, groot |
|
20661 |
f 2.000.000, werd uitgegeven op 25 October 1911 bij de Rotterdamsche Bank- |
|
20662 |
vereeniging en Labouchere Oyens & Co.'s Bank, à 982 pct., terwijl de lee- |
|
20663 |
ning 1913, groot f 3.000.000, waarvan echter reeds f 1.000.000 vast ge- |
|
20664 |
plaatst was, bij dezelfde emittenten werd uitgegeven à 97 pct. Uitstaand |
|
20665 |
bedrag op 1 Januari 1918: leening 1903 f 815.000, leening 1908 f 1.423.000, |
|
20666 |
leening 1911 f 1.666.000 en leening 1913 f 2.715.000. |
|
20667 |
Koersloop der aandeelen. 1 5 pct. obligatiën 1911. |
|
20668 |
1910 1911 1912 1913 1914 ) 1 1911 1912 1913 1914 |
|
20669 |
Hoogste koers 103 1082 113 112 1062 ì Hoogste koers 99֏ 102 1013 100 元 |
|
20670 |
Laagste koers 100 103 104 100 1002 Laagste koers 982 99% 98 982 |
|
20671 |
Koers per 28 Juli 1914: 106; 1915: 98-90]; Koers per 28 Juli 1914: 1004; 1915: 99-94; |
|
20672 |
1916: 983-912; 1917: 1012-95. 1916: 100-922; 1917: 1023-95. |
|
20673 |
5 pct. obligatiën 1903. 1903 1905 1907 1908 1909 1910 1911 1912 1913 1914 |
|
20674 |
Hoogste koers 98₴ 101 1012 100% 102 102 1022 101₺ 101} 100 年 |
|
20675 |
Laagste koers 90 972 99 99 99₴ 100 99 100 98 99 |
|
20676 |
Koers per 28 Juli 1914: 1004; 1915: 99-94; 1916: 100-95}; 1917: 1008-95. |