Page 1004 in yearbook 1920

Page 1004 in yearbook 1920

Page Block

Scanned page

Yearbook Vol. Seq P.no Type Size File
1920 vanoss_1920_domestic 1004 942 content 1679 × 2437 1920/30681

Blocks on this page 0

No blocks have been marked on this page.

Page content 71

The raw OCR output of this page, line by line.
26539 942 PETROLEUM-MAATSCHAPPIJEN.
26540 vircie Alberta ten Noorden van de Athabasca rivier te ontwikkelen en te exploi-
26541 teeren. De concessie zou het karakter van een monopolie dragen voor den tijd
26542 van vijf jaren, waarbij echter de rechten van reeds gevestigde concessiehouders
26543 en van prospectors geëerbiedigd zouden moeten worden. Daarentegen zou de Mpij.
26544 de olie vervoeren door een pijpleiding van Vancouver af naar de meren en nadat
26545 zij 6 pct. op haar werkkapitaal zou ontvangen hebben, zou de winst met het
26546 Gouvernement gedeeld worden. In een later bericht heette het dat de Shell het
26547 uitsluitend recht van exploitatie had aangevraagd voor een terrein van } millioen
26548 vierkante mijl in Noord-Alberta, op voorwaarde dat binnen 5 jaar na het teekenen
26549 van den vrede de maatschappij 25000 vierkante mijl zal uitkiezen voor haar bedrijf.
26550 De rest zal aan de regering worden teruggegeven. (In het verslag over 1918
26551 worden deze courantenberichten niet bevestigd).
26552 In April werd medegedeeld, dat de Anglo Egyptian Co. op haar aandeelen B
26553 een interim-dividend heeft gedeclareerd van 15 pct., onder aftrek van belasting. De
26554 achterstallige dividenden op de inkomst-obligatiën, op de preferente aandeelen en
26555 op de aandeelen A en C zullen eveneens worden betaald.
26556 Volgens „Financial Times" is de „Shell" in 1919 in samenwerking met andere
26557 petroleum-mpijen, werkende in de Coalinga-terreinen in California een uitgebreide
26558 boor-campagne begonnen; niet minder dan 27 bronnen werden aangeboord. Dit
26559 werd later bevestigd door de mededeeling dat gedurende acht maanden van Nov.
26560 1918 tot Juni 1919 in het Oostelijk Coalingaterrein 15 Sondes voltooid werden.
26561 In Juli liepen er geruchten dat de aandeelen der Shell op de Parijsche
26562 beurs zouden worden geintroduceerd, doch later werd hiervan niets meer ver-
26563 nomen.
26564 In Juni 1919 ging de „Shell” over tot uitbreiding van haar geautoriseerd kapitaal
26565 van £.12.000.000 tot £ 20.000.000 en uitgifte van £ 4.000.000 nieuwe gewone aandeelen
26566 aan houders van oude aandeelen, welke op 17 Juni 1919 in de boeken voorkwamen
26567 tot den koers van 100 pct. en in verhouding van 2 oude aandeelen tot 1 nieuw,
26568 waardoor het geplaatst kapitaal tot ruim £ 12.000.000 gewone aandeelen en £ 2.000.000
26569 preferente aandeelen steeg.
26570 Nadat door een syndicaat onder leiding van Kuhn Loeb & Co. in Londen £ 750.000
26571 gewone aandeelen „Shell“ waren aangekocht, stond op 24 Juli 1919 te New-York de
26572 inschrijving open op 277.000 Amerikaansche certificaten, elk vertegenwoordigend
26573 2 gewone aand. Shell ad £ 1, tot den prijs van $ 69. De emissie werd 8 à 9 maal
26574 overteekend. In September verluidde dat nog een verder bedrag in New-York zou
26575 zijn geplaatst, doch de „Chronicle” vermeldt daaromtrent niets De Amerikaan-
26576 sche certificaten zijn niet eerder omwisselbaar dan na de algemeene vergadering
26577 van Juli 1920. Uit een nadere mededeeling blijkt dat bovengenoemde £ 750.000 aan-
26578 deelen door Kuhn Loeb & Co. van de mpij. zijn verkregen, zoodat het uitstaand
26579 bedrag gewone aandeelen derhalve gestegen is tot circa £ 13.000.000.
26580 De „Financial Times" vernam in October 1919 dat bij een nieuwe bestuursver-
26581 kiezing vertegenwoordigers van de Colon Development Cy., een onderhoorige mpij.
26582 van de Koninklijke Shell-groep in het bestuur van het „Carib Syndicate Ltd."
26583 gekozen zijn. Omgekeerd zijn leden van het Carib Syndicate benoemd in den Raad
26584 van directeuren van de „Colon Development Cy., hetgeen er op schijnt te wijzen
26585 dat tusschen genoemde mpijen. een belangengemeenschap is tot stand gekomen.
26586 Het Carib Syndicate bezit, naar verluidt, thans 25 pct. van het aandeelenkapitaal
26587 der Colon Devel. Cy., welke in Venezuela een grondbezit heeft van 4.500.000 acres,
26588 terwijl de financiering der mpij. gegarandeerd wordt door de Koninklijke. Het
26589 Carib Syndicate bezit voorts 25 pct. der aandeelen Columbian Petroleum Cy., welke
26590 terreinen heeft ter grootte van 1.300.000 acres, benevens nog 3.000.000 acres eigen
26591 grond in Columbia, waarin de aanwezigheid van petroleum vermoed wordt. De
26592 terreinen van het Carib Syndicate liggen langs de Rio del Oro, die Columbia van
26593 Venezuela scheidt en tegenover de terreinen, die in laatstgenoemd land aan de
26594 Koninklijke behooren. De Caribbean Petroleum Co. heeft eveneens groote belangen
26595 in het Noorden en Oosten van Columbia. Wat het belang in laatstgenoemde mpij.
26596 betreft die ook de Westelijke Venezolaansche petroleumvelden beheerscht, zijn nooit
26597 officieele mededelingen gedaan, doch het verluidde, dat voor de meerdere mil-
26598 lioenen, waarvoor in deze maatschappij belang werd genomen, de Koninklijke Shell-
26599 groep preferente aandeelen ontving en de gewone aandeelen gelijkelijk werden
26600 verdeeld tusschen de Koninklijke-combinatie en de General Asphalt Co. of Phila-
26601 delphia. De Koninklijke nam de zorg voor den ganschen export op zich, en verkreeg
26602 bovendien nog meerdere concessies door middel van de Venezuelan Oil Concessions.
26603 Na den tijd van ongeveer een jaar had een fusie tusschen deze beide plaats,
26604 waarbij één maatschappij uit de Caribbean Petroleum Co. en de Venezuelan Oil
26605 Concessions werd gevormd, die den naam ontving van Burlington Company. Hier-
26606 van zou de General Asphalt 50 pct. in handen hebben, terwijl de rest van, het
26607 aandeelenbezit zoodanig verdeeld is, dat de Koninklijke houdster is van 24 pct.,
26608 de Shell van 16 pct. en de Rothschilds van 10 pct.
26609 In het derde kwartaal van 1919 werd door den Amerikaanschen Senaat een wets-