|
42315 |
SCHEEPVAART-MAATSCHAPPIJEN. 1293 |
|
42316 |
nam de mpij. voor f 18.000.000 deel in het kapitaal der Vereenigde Nederl. |
|
42317 |
Scheepvaart Mpij. (zie elders in dit deel). |
|
42318 |
Maatschappelijk kapitaal: f 40.000.000, waarvan uit- |
|
42319 |
staande f 20.000.000; het was oorspr. groot f 7.000.000, verdeeld in twee |
|
42320 |
seriën, elk groot f 3.500.000, werd in 1900 gebracht op geaut. f 10.000.000, in |
|
42321 |
April 1906 tot f 15.000.000, in Februari 1912 tot f 25.000.000 en in 1917 tot |
|
42322 |
f 40.000.000, verdeeld in 7 seriën, t.w. 2 elk van f 3.500.000 (1e en 2e), 2 elk |
|
42323 |
van f 3.000.000 (3e en 5e), 1 van f 2.000.000 (4e), 1 van f 5.000.000 (6e) en |
|
42324 |
1 van f 20.000.000 (7e serie). De helft der 4e serie (f 1.000.000) |
|
42325 |
werd in Maart 1907 uitgegeven, de andere helft ad f 1.000.000 |
|
42326 |
begin 1908 aan de Ned. Scheepv. Unie verkocht, (zie onder Ned. |
|
42327 |
Scheepv. Unie). In 1909 werd nog f 1.000.000 aandeelen aan de Ned. Scheepv. |
|
42328 |
Umie verkocht, begin 1911 en 1912 telkens nog f 2.000.000, in 1914 f 3.000.000 |
|
42329 |
en in Sept. 1918 f 1.000.000, waarna de Scheepvaart Unie f 11.824.000 aand. |
|
42330 |
Mpij. Nederland bezat. Door verwisseling steeg dit bedrag tot |
|
42331 |
f 11.829.000. (Voor een overzicht der verschillende aandeelen-uitgiften |
|
42332 |
zie jaarg. 1912). De inschrijving op f 1.000.000 aandeelen der 4e serie |
|
42333 |
(ad f 2.000.000) was ten kantore der mpij. op 12 Mrt. 1907 tot den koers van 139 |
|
42334 |
pct. opengesteld. Aandeelen, groot f 1000 en f 500 aan toonder, kunnen |
|
42335 |
ook op naam gesteld worden. Winstverdeeling: Na dotaties aan |
|
42336 |
reserves en pensioenfondsen door het Bestuur te bepalen en na afschrijving |
|
42337 |
op de waarde van het vlottende materieel van minstens 5 pct. van de laatste |
|
42338 |
balanswaarde en eene uitkeering van 5 pct. over het maatschappelijk |
|
42339 |
kapitaal, wordt van het restant uitgekeerd: 10 pct. aan het reservefonds, |
|
42340 |
10 pct. aan de directie, 5 pct. aan commissarissen, 5 pct. aan ondersteunings- |
|
42341 |
fonds voor personeel en 70 pct. aan aandeelhouders. Dividenden 1871- |
|
42342 |
1890: 0, 0, 0, 5, 5, 5, 7, 2.5, 4.5, 8.5, 9, 6.2, 2.6, 0. 4, 0, 6, 10, 10, 9.7 pct. ; 1891- |
|
42343 |
1920: 7.3, 7.4, 9, 10, 9.5, 7.7, 11.5, 14, 13.1, 8.2, 7.5, 8.75, 6.65, 8.8, 9.3, 10, |
|
42344 |
8, 62, 62, 8, 8, 10, 10, 7}, 10, 15, 20, 30, 30 en 20 pct. (no. 49, |
|
42345 |
27 Mei 1921). 4 pct. obligatieleeningen van 1907, |
|
42346 |
1911 en 1912, groot resp. f 2.000.000, f 2.000.000 en f 4.000.000; |
|
42347 |
stulken groot f 1000, coupons 1 Juni en 1 December. |
|
42348 |
Afiosbaar in 25 jaren, door jaarlijksche uitloting in Mei, (voor bet |
|
42349 |
eerst resp. in 1908, 1912 en 1913), ter afbetaling op 1 Juni. Vervroegde |
|
42350 |
aflossing voor deze 3 leeningen na 1 Juni 1917 is toegestaan. De inschrijving |
|
42351 |
op f 2.000.000 obligatiën 1907 was op 6 Juni 1907 tot den koers |
|
42352 |
van 98 pct. bij de H.H. van Loon & Co. opengesteld; die op de leening |
|
42353 |
van 1911 op 3 Augustus 1911, tot den koers van 101 pct .; die op de leening |
|
42354 |
van 1912 op 20 November 1912, tot den koers van 98 pct., telkens bij |
|
42355 |
dezelfde emittenten. Uitstaand bedrag op 1 Januari 1921 resp. f 1.202.000, |
|
42356 |
f 1.492.000 en f 3.116.000. Beschermheer: De Prins der Nederlan- |
|
42357 |
den. Commissarissen: Dr. C. J. K. van Aalst, S. P. van Eeghen, |
|
42358 |
E. Heldring, H. Hissink, M. P. Voûte, Jhr. H. Loudon, Jhr. L. P. D. |
|
42359 |
Op ten Noort, J. H. Hummel, Mr. M. W. F. Treub, J. B. van Heutz |
|
42360 |
en L. A. Hissink. Directie: W. H. J. Oderwald, P. E. Tegelberg, |
|
42361 |
M. C. Koning en J. F. van Hengel. |
|
42362 |
Over de lotgevallen der vloot tijdens den Europeeschen oorlog tot 1917 |
|
42363 |
(torpedeering, requisitie enz.) raadplege men jaarg. 1918/19, blz. 1044 en |
|
42364 |
wat de huurvergoeding betreft de mededeelingen op blz. 979 enz. onder |
|
42365 |
Holl. Am. Lijn). |