|
31960 |
1110 PETROLEUM-MAATSCHAPPIJEN. |
|
31961 |
10. De aandeelen kunnen vanaf 5 April-1 Oct. 1918 bij de Kasver- |
|
31962 |
eeniging worden verzilverd à f 305.62} per stuk. Deze termijn wordt voor |
|
31963 |
hen, die zich in het buitenland of de Nederlandsche koloniën bevinden, |
|
31964 |
tot 31 December 1920 verlengd. De Directie deelde ons d.d. 26 Oct. 1922 |
|
31965 |
mede, dat van de gelegenheid tot inkoop door het meerendeel der aan- |
|
31966 |
deelhouders was gebruik gemaakt en dat een eventueele omzet- |
|
31967 |
ting der mpij. in een andere (Duitsche) vennoot- |
|
31968 |
schap, tot nu toe niet in overweging was geno- |
|
31969 |
m en. |
|
31970 |
20. de inkomstobligaties zijn vanaf 1 April 1920 à f 1195.10 |
|
31971 |
betaalbaar, mits voorzien van coupon no. 6 en volgende en talon en plus |
|
31972 |
rente van 1 April 1918 tot 31 Maart 1920 ten bedrag van f 119.51, dus in |
|
31973 |
totaal f 1314.61. |
|
31974 |
30. De oprichtersbewijzen zijn vanaf 1 April 1920 à f 154.11} |
|
31975 |
per stuk betaalbaar, mits voorzien van dividendbewijs no. 4 en volgende en |
|
31976 |
talon plus 5 pct. rente van 1 April 1918 tot 31 Maart 1920, dus in totaal |
|
31977 |
f 169.52. De plaats van inlevering der sub. 20 en 30. genoemde stukken |
|
31978 |
zou nader in twee Nederlandsche dagbladen bekend gemaakt worden. |
|
31979 |
De 5 pct. inkomst-obligatiën luiden in stukken groot f 1000, |
|
31980 |
welke 5 pct. rente ontvangen, of zooveel minder als uit de winst betaald |
|
31981 |
kan worden. Aflossing: zie onder winstverdeeling. In Dec. 1912 werden |
|
31982 |
105 en in Dec. 1921 129 inkomst-obligatiën à pari afgelost. Uitstaand be- |
|
31983 |
drag daarna f 557.000. De inkomst-obligatiën ontvangen bij liqui- |
|
31984 |
datie, boven de hoofdsom hetgeen sedert 1 Jan. 1910 minder dan 5 pct. is |
|
31985 |
uitgekeerd. Op 4 Februari 1910 werden door de H.H. Jolles & Co. |
|
31986 |
te Amsterdam nieuwe aandeelen tot den koers van 76 pct., de inkomst- |
|
31987 |
obligatiën tot' den koers van 80 pct., door verkoop ter beurze aan de |
|
31988 |
markt gebracht. Winstverdeeling: na afschrijvingen eerst |
|
31989 |
5 pct. aan de inkomst-obligatiën ; daarna 6 pct. aandeelhouders; van het |
|
31990 |
resteerende: 50 pct. voor aflossing à pari van inkomst-obligatiën (door |
|
31991 |
uitloting in December, betaalbaar Januari d.a.v.). Van het dan over- |
|
31992 |
blijvende, na uitkering van een zeker bedrag aan commissarissen en |
|
31993 |
dotatie aan het reservefonds: 65 pct. aandeelhouders, 20 pct. oprichters- |
|
31994 |
bewijzen, 10 pct. directie en 5 pct. commissarissen. Het reservefonds wordt |
|
31995 |
opgevoerd tot de helft van het gestort kapitaal; het alsdan vrijkomende |
|
31996 |
komt aan aandeelhouders, oprichtersbewijzen en bestuur, in bovengenoemde |
|
31997 |
verhouding. Er zijn 6000 o p richtersbewijzen uitgegeven. Divi- |
|
31998 |
dend 1899/1900-1911/12: 0, 0, 4, 8, 7, 3, 6, 6, 6, 0, 0, 0, 4, 9; 1912/13- |
|
31999 |
1918/19: nihil; 1919/20 en 1920/21 telkens 6 pct. (no. 11). Op de inkomst- |
|
32000 |
obligatiën werd betaald: 1909/10: nihil; . 1910/11-1914/15: telkens 5 pct .; |
|
32001 |
1915/16-1918/19: nihil; 1919/20 en 1920/21: telkens 5 pct. (no. 7). Divi- |
|
32002 |
dend oprichtersaandeelen 1902/3: f 4.50, 1903/4: f 3.15 en 1911/12: f 3.30; |
|
32003 |
1912/13-1918/19: nihil. Sedert ?. Directie: C. M. Dozy. Commis- |
|
32004 |
sarissen: P. Vuyk, F. J. D. Theyse en L. Vuyk. |
|
32005 |
KOERSEN DER AANDEELEN. |
|
32006 |
1904 1905 1906 1907 1908 1909 19101) 1911 1912 1913 1914 |
|
32007 |
Hoogste koers 1082 99 1122 108 84% 322 88% 145 183% 136 12F |
|
32008 |
Laagste koers 89 83 85 74 14 18 68 71} 1193 972 87 |
|
32009 |
Koersen 1915: 79%-833; 1916: 65-120; 1917: 60-170; 1918: 2032-160; 1919: geen koers. |
|
32010 |
1920: E.K. 210; 1921 : geen noteering. |
|
32011 |
1) Gereduceerde aandeelen. |