|
8943 |
694 INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN. |
|
8944 |
waarvan thans nog 55 uitstaan. Aanvankelijk bestond het kapitaal uit |
|
8945 |
gewone aandeelen, waarvan bij de oprichting f 300.000 geplaatst. Nadat |
|
8946 |
in 1913 het kapitaal werd uitgebreid tot f 750.000, waarvan geplaatst |
|
8947 |
f 300.000, werden in 1917 nieuwe gewone- alsmede de preferente aandeelen |
|
8948 |
gecreëerd, waarna het f 2.025.000 bedroeg. In October 1920 werd het tot |
|
8949 |
het tegenwoordig bedrag verhoogd. Op 3 Juli 1917 stond ten kantore van |
|
8950 |
de Rotterdamsche Bankvereeniging te Rotterdam, Amsterdam en 's Graven- |
|
8951 |
hage de inschrijving open op f 700.000 gewone aandeelen tot den |
|
8952 |
koers van 118 pct., incl. dividend 1917 en met voorkeursrecht voor de |
|
8953 |
houders der hierna te noemen 6 pct. obligaties 1916. De opbrengst der |
|
8954 |
emissie diende tot aflossing dier obligatiën, alsmede tot versterking van |
|
8955 |
het bedrijfskapitaal, in verband met het voornemen om de venn. bij andere |
|
8956 |
fabrieken te interesseeren. Bij genoemde emittente stond daarna op |
|
8957 |
9 Juli 1919 de inschrijving open op f 510.000 gew. aandeelen à 125 pct. |
|
8958 |
(voorkeur 2 : 1, no. 13), incl. div. 1919. Hierna was weder bij dezelfde |
|
8959 |
emittente op 14 Mei 1920 de inschrijving opengesteld op f 383.000 gewone |
|
8960 |
aandeelen (f 82.000 was reeds vast genomen) uitsluitend voor aand.houders |
|
8961 |
à 125 pct. incl. div. 1920. Voorkeur 4 : 1 (no. 15). Men zie voor het betref- |
|
8962 |
fende prospectus aan het einde van deel II, jaarg. 1920. In 1920 en 1921 |
|
8963 |
werden verder f 175.000 gew. aand .onderhands geplaatst. 7 pct. 15- |
|
8964 |
jarige obligatiën, in stukken van f 1000 met coupons per 1 April en |
|
8965 |
1 October. Aflossing door 10 gelijke jaarlijksche terugbetalingen, waar- |
|
8966 |
van de eerste 1 April 1927. Versterkte of geheele aflossing na 1 April 1926 |
|
8967 |
voorbehouden. Indien vóór 1 April 1931, geschiedt dit à 102} pct voor die |
|
8968 |
obligatiën, welke in afwijking van het gewone amortisatieplan worden afge- |
|
8969 |
lost. Op f 750.000 dezer obligatiën (deel eener leening van f 1.000.000), stond |
|
8970 |
op 9 Maart 1921 tot den koers van 100 pct. de inschrijving open bij de Rotter- |
|
8971 |
damsche Bankvereeniging en de Nationale Bankvereeniging. Deze obliga- |
|
8972 |
tiën verkregen 8 April 1921 officieele noteering. Men zie het prospectus aan |
|
8973 |
het einde van deel II, jrg. 1921. Winstverdeeling: eerst 5 pct. over |
|
8974 |
het gew. en pref. kap. terwijl de overwinst de volgende bestemming krijgt: |
|
8975 |
houders van gew. aand. 60 pct. - tenzij aan deze 60 pct. door de vergadering |
|
8976 |
van aandeelhouders geheel of ten deele een andere bestemming mocht wor- |
|
8977 |
den gegeven - directie 25 pct., commissarissen 5 pct. en houders van |
|
8978 |
winstbewijzen 10 pct., met dien verstande echter dat op elk winstbewijs |
|
8979 |
het 1/170 van deze 10 pct. wordt uitgekeerd (er zijn oorspronkelijk 85 dier |
|
8980 |
bewijzen uitstaande). Voorts is bepaald dat de uitkeering per bewijs nimmer |
|
8981 |
hooger mag zijn dan die per gewoon aandeel. Het resteerende der 10 pct. |
|
8982 |
wordt gestort in een amortisatiefonds. Telkens wanneer dit fonds f 5.000 be- |
|
8983 |
loopt, worden er 5 winstbewijzen à f 1000 uitgeloot. Deze bedragen blijven |
|
8984 |
evenwel in kas en aan de houders der uitgelote winstbewijzen zullen daar- |
|
8985 |
entegen volgestorte gewone aandeelen worden uitgereikt. Zoodra alle |
|
8986 |
winstbewijzen op deze wijze zijn verwisseld, worden de betreffende 10 pct. |
|
8987 |
als volgt verdeeld: commissarissen 2} pct., directie 2} pct. en houders van |
|
8988 |
gewone aand. 5 pct. Dividend gewone aand. 1917-1920 (vroegere |
|
8989 |
dividenden niet nauwkeurig op te geven) 10, 12, 12 en 11 pct. (no. 16, 25 April |
|
8990 |
1921); 1921 en 1922 nihil. Dividend pref. aand: 1917-1920: 5 pct .; |
|
8991 |
1921 en 1922 nihil. Winstbewijzen 1917: f 49.02; 1918: f 68.62; 1919: |
|
8992 |
f 105 op ieder der 75 bewijzen; 1920: f 110 op 70 bew .; 1921 en 1922 nihil. |
|
8993 |
6 pct. oblig.leening van 1916, groot f 200.000, in oblig van |
|
8994 |
f 1000 en f 500, coupons per 30 Juni en 31 Dec., uitgegeven à pari op 5 Jan |