Page 1118 in yearbook 1926

Page 1118 in yearbook 1926

Page Block

Scanned page

Yearbook Vol. Seq P.no Type Size File
1926 vanoss_1926_domestic 1118 1072 content 1384 × 2367 1926/46216

Blocks on this page 0

No blocks have been marked on this page.

Page content 78

The raw OCR output of this page, line by line.
31197 1072 PETROLEUM-MAATSCHAPPIJEN.
31198 Juli 1923. Een persbericht maakt melding van een contract door de Ko-
31199 ninklijke afgesloten met een Amerikaansch Chemisch Concern, tot aanwending
31200 van een bepaald proces waardoor de raffinage van ruwe olie vervolmaakt zou
31201 worden en behalve hoogere productie 30 dollarcent per barrel besparing zou wor-
31202 den verkregen. Het zou in het voornemen der mpij. liggen deze methode gelei-
31203 delijk op al hare raffinaderijen toe te passen.
31204 Aug. 1923. Volgens het verslag over 1922 der Ned. Indieche
31205 Aardolie Mpij. kon door een accoord met de Bataafsche spoedig met de
31206 werkzaamheden worden begonnen. 4 October 1922 met boren begonnen te Badjoo-
31207 bang. Pijpleiding gelegd ca. 82 K.M. lang. Boring Betoeng op 60 M. de eerste
31208 en op 111 M. de tweede olielaag. Wegens nog geringe productie wordt verder
31209 geboord. Met de bataafeche werd een overeenkomst aangegaan voor het vervoer,
31210 verwerken en verkoop van het product op basis van het in rekening brengen aan
31211 de N. I. A. M. van den kostprijs van deze verrichtingen en vergoeding van com-
31212 missie en aandeel in de netto winst aan de Bataafsche.
31213 Oct. 1923. Bericht wordt dat de Koninklijke vasten voet heeft gekregen in
31214 Rusland door het verwerven van exploitatierechten in Kasbek bij Grosny, ver-
31215 volgens door de stichting van de „Soc. pour l'industrie du Naphte Standard Russe
31216 de Grosny", door den aankoop van 80 pct. van het kapitaal der Soc. Commerciale
31217 et Ind. du Naphte de la Caspienne et de la Mer Noire (Buito) en ten slotte door
31218 aankoop van 80 pct. van de Mazout. Het verslag over 1919 meldt, dat de bezit-
31219 tingen in Bakoe niet veel geleden hebben van de verwoestingen. De terreinen
31220 zijn intact gebleven. Alleen enkele reservoirs en installaties zijn verbrand Im
31221 Grosny is de toestand echter ongunstiger, vooral in het Oosten. Van 1919 af ie
31222 de Koninklijke doende geweest, om de exploitatie te hervatten en door het sluiten
31223 van contracten verzekerde zij zich van de levering van boormateriaal en aan
31224 den anderen kant van de eventueele beschikking over een groote hoeveelheid ruwe
31225 olie. Deze contracten voerden het volgend jaar tot de oprichting van de Neder-
31226 landsche Petroleum Mpij. Argoun en de Nederl. Petroleum Mpij. Anoto-Benzonaft.
31227 (zie overzicht 1921). De relaties met Moskou hebben eindelijk in dit jaar geleid
31228 tot het contract met de Sovjets betreffende den aankoop van ruwe olie (zie 11 Mei
31229 1923 boven).
31230 Nov. 1923. Het Hbld. bericht: Blijkens mededeeling van den gouverneur van
31231 Curaçao aan den Kolonialen Raad is de Bataafsche Petroleum Mpij, naar de
31232 „Voz di Pueblo” meldt, voornemens aan de raffinaderij te Willemstad een zeer
31233 groote uitbreiding te geven, althans indien de Mpij. de zekerheid heeft, dat de
31234 faciliteiten, haar in 1915 toegezegd, ook na die uitbreiding van kracht zullen
31235 blijven. Hierbij is speciaal te denken aan vrijdom van invoerrecht voor de in
31236 de fabriek te verwerken producten naast vrijdom van uitvoerrecht voor de ver-
31237 werkte producten, voorts vrijdom van invoerrecht voor materialen en machine-
31238 rieën voor de raffinaderijen en het niet invoeren van uitzonderingsbelastingen.
31239 De gouverneur heeft zich bereid verklaard bedoelde faciliteiten te handhaven.
31240 Nov. 1923. Op een vraag van een lid van de Volksraad of de Regering ter-
31241 men vond, de concessies der Koninklijke in Indie. waar de mpij haar
31242 werkzaamheden heeft gestaakt, te doen vervallen, gaf de Indische Regeering een
31243 gemotiveerd antwoord, waarin zij mededeelde dat de gestie der mpij. haar geen
31244 aanleiding had gegeven om de bedoelde stappen in overweging te nemen.
31245 5 Nov. 1923. In een interview verklaarde de heer Deterding dat hij met de
31246 Britsche Regeering onderhandelingen heeft gevoerd over de overname van
31247 de Anglo Persian aandeelen, die in het bezit van die Regeering zijn. Hij
31248 kon echter niet mededeelen of een resultaat zou worden bereikt. Indien de over-
31249 eenkomst tot stand kwam, zou dit een betaling in baar met zich meebrengen van
31250 £ 12 millioen. Hij ontkende dat een working-agreement tusschen de Shell en de
31251 Standard Oil was voorgesteld. Ook heeft men geen plan dit te doen. De Ameri-
31252 kaansche dochterondernemingen van de Shell zullen waarschijnlijk deelnemen aan
31253 een algemeene overeenkomst voor de detailoliemarkt. De zaken der Koninklijke
31254 waren volgens den heer D. in 1923 gunstiger dan in 1922. De heer D. verklaarde
31255 verder dat de Chester-concessie een luchtkasteel is en dat de combinatie
31256 haar belangen in Mesopotamië niet verder, uitbreidt dan haar 25 pct. belang bij
31257 de Turkish Petr. Co. Ltd. Voorts werd medegedeeld dat noch de .,Koninklijke" noch
31258 de „Shell“ op het oogenblik overwegen om nieuw kapitaal uit te geven.
31259 31 Dec. 1923. Het geplaatste kapitaal der Koninklijke bedraagt f 351.457.000,
31260 verdeeld in f 1.500.000 preferente, f 28.500.000 prioriteits- en f 321.457.000 gewone
31261 aandeelen. Het kapitaal der Shell bedraagt £ 26.365.144 waarvan £ 2.000.000 5 pct.
31262 le preferente-, £ 5.000.000 7 pct. 2e preferente- en £ 19.365.144 gewone aandeelen.
31263 Het kapitaal der Bataafsche en Anglo Saxon bleef ongewijzigd op resp. f 300.000.000
31264 en £ 16.000.000. Dividend Koninklijke 1923 25 pct .; Shell 22} pct. Dat der Bataafsche
31265 en Anglo Saxon werd niet gepubliceerd.
31266 1924. 15 Jan. 1924. De Koninklijke betaalt 10 pct. ad interim over 1923.
31267 Einde Jan. 1924 werd bericht dat de Groupement International
31268 des Sociétés Naphtifères in elkaar was gestort als gevolg van wantrouwen der
31269 leden onderling. De Groupement was indertijd opgericht en bestond uit niet-Rus-
31270 sische mpijen. die vóór de „nationalisatie" petroleumterreinen in Rusland hadden.
31271 Sir Henri Deterding was voorzitter en heeft in die hoedanigheid verschillende be-
31272 eprekingen gevoerd. Hieromtrent is oneenigheid ontstaan met het gevolg dat de
31273 Groupement thans nog slechts bestaat uit de Kon. Shell en enkele harer Russische
31274 dochter-mpijen.