|
69034 |
1708 SPOORWEGFONDSEN. |
|
69035 |
niet door, daar de Tweede Kamer „het tijdstip van naasting niet juist |
|
69036 |
achtte." De behandeling van het ontwerp werd dientengevolge geschorst tot |
|
69037 |
na 1 Jan. 1923. De regeering diende bij brief van 1/4 Juni 1923 een nota van |
|
69038 |
wijziging op het ontwerp in, strekkende tot naasting op 1 Jan. 1924 op grond |
|
69039 |
van art. 49 der Spoorwegwet. Bij nota van wijziging d.d. 16/22 Jan. 1924 |
|
69040 |
werd de naastingsdatum weder verschoven en wel tot 1 Jan. 1925. De com- |
|
69041 |
missarissen richtten een verzoekschrift tot niet aanneming aan de Tweede |
|
69042 |
Kamer. De aandacht werd er speciaal op gevestigd dat de naasting niet is |
|
69043 |
in 'den geest der spoorwegwet en alleen wordt voorgesteld, om op het voor |
|
69044 |
den Staat gunstigste oogenblik te naasten en om in het belang van de H. IJ. |
|
69045 |
S. M. (en daardoor tevens van den Staat) een einde te maken aan het |
|
69046 |
voor de H. IJ. S. M. onvoordeelige exploitatie-contract. Het ontwerp |
|
69047 |
werd tegelijk met het naastingsontwerp van de „,Almelo-Salzbergen" op |
|
69048 |
20 Juni 1924 door de Tweede- en op 20 Nov. 1924 door de Eerste Kamer |
|
69049 |
aangenomen. De datum van naasting werd eveneens op 1 Jan. 1926 vast- |
|
69050 |
gesteld. Blijkens schrijven van den minister van Waterstaat aan de |
|
69051 |
directie ligt het in de bedoeling der regeering te bevorderen, dat de naas- |
|
69052 |
tingsprijs langs minnelijken weg zal worden vastgesteld en dat de H. IJ. |
|
69053 |
S. M. is uitgenodigd mede uit naam der regeering met de Mij. te onder- |
|
69054 |
handelen. Deze onderhandelingen werden 15 April 1925 geopend Wordt |
|
69055 |
de naastingsprijs anders vastgesteld dan door toepassing zonder meer van |
|
69056 |
art. 49, 2e lid, der Spoorwegwet, dan behoeft deze naastingsprijs bekrach- |
|
69057 |
tiging bij de wet, aldus art. 1 der naastingswet. En luidens art. 2 dier wet, |
|
69058 |
tevens het laatste, zijn de Min. v. Waterstaat en Financiën gemachtigd |
|
69059 |
om met de H. 1J. S. M. een overeenkomst aan te gaan, waarbij de exploi- |
|
69060 |
tatie van den genaasten spoorweg aan de Mij. wordt opgedragen, ingevolge |
|
69061 |
art. 2 der overeenkomst 1890 H. S. met dien verstande, dat de art. 8 en 31, |
|
69062 |
onder 2, dier overeenkomst buiten toepassing blijven en het naastings- |
|
69063 |
bedrag, dat het Rijk verschuldigd zal zijn, door de Mij. als renteloos voor- |
|
69064 |
schot ter beschikking van het Rijk wordt gesteld. Men zie voor de over- |
|
69065 |
wegingen die de Regeering in deze zaak leidden bij „Almelo-Salzbergen" |
|
69066 |
in jaarg. 1925, pag. 1603. Het resultaat van de onderhandelingen met de |
|
69067 |
H. S. was, dat deze f 3.000.000 voor den spoorweg bood. Dit bod werd |
|
69068 |
later door den Minister van Waterstaat tot f 3.500.000 verhoogd. De ver- |
|
69069 |
gadering van aandeelhouders van 9 Dec. 1925 verwierp dit bod en ver- |
|
69070 |
klaarde zich bereid een overeenkomst aan te gaan op den voet als die van |
|
69071 |
1922 (wat neerkomt op 168 pct. van de nominale waarde der aandeelen) met- |
|
69072 |
rentevergoeding ad 5 pct. als de naastingsprijs 1 Jan. 1926 niet uitbetaald |
|
69073 |
is en zoo hierop niet mocht worden ingegaan, den naastingsprijs door den |
|
69074 |
rechter te laten bepalen. Kort na dit besluit werd 23 Dec. 1925 tot |
|
69075 |
liquidatie ingaande 1 Jan. 1926 besloten. De leden der liquidatie- |
|
69076 |
commissie ontvangen elk max. f 1500, doch alleen ingeval 130 pct. op de |
|
69077 |
aandeelen is uitgekeerd. Omtrent enkele overeenkomsten die |
|
69078 |
hangende het proces zullen gelden, zie men het uit- |
|
69079 |
treksel uit het verslag over 1925, hierna. In de vergadering van de Tweede |
|
69080 |
Kamer van 24 Maart 1926 heeft de nieuw opgetreden minister van water- |
|
69081 |
staat verklaard, dat hij reeds stappen gedaan had om alsnog met de |
|
69082 |
N.W.S.M. tot een schikking betreffende den naastingsprijs te geraken |
|
69083 |
Bedrijf 1914/19. De H. IJ. S. M. stelde de Maatschappij op 2 September 1914 |
|
69084 |
ermede in kennie, dat zij voor den tijd dat de spoorwegen door den Staat voor |
|
69085 |
's Rijksdienst in het belang van 's lande verdediging gevorderd waren, tijdelijk opge- |
|
69086 |
houden had den spoorweg ingevolge de bestaande exploitatie-overeenkomst te exploi- |