|
69884 |
SPOORWEGFONDSEN. 1729 |
|
69885 |
directie ligt het in de bedoeling der regeering te bevorderen, dat de naas- |
|
69886 |
tingsprijs langs minnelijken weg zal worden vastgesteld en dat de H. IJ. |
|
69887 |
S. M. is uitgenodigd mede uit naam der regeering met de Mij. te onder- |
|
69888 |
handelen. Deze onderhandelingen werden 15 April 1925 geopend Wordt |
|
69889 |
de naastingsprijs anders vastgesteld dan door toepassing zonder meer van |
|
69890 |
art. 49, 2e lid, der Spoorwegwet, dan behoeft deze naastingsprijs bekrach- |
|
69891 |
tiging bij de wet, aldus art. 1 der naastingswet. En luidens art. 2 dier wet, |
|
69892 |
tevens het laatste, zijn de Min. v. Waterstaat en Financiën gemachtigd |
|
69893 |
om met de H. 1J. S. M. een overeenkomst aan te gaan, waarbij de exploi- |
|
69894 |
tatie van den genaasten spoorweg aan de Mij. wordt opgedragen, ingevolge |
|
69895 |
art. 2 der overeenkomst 1890 H. S. met dien verstande, dat de art. 8 en 31, |
|
69896 |
onder 2, dier overeenkomst buiten toepassing blijven en het naastings- |
|
69897 |
bedrag, dat het Rijk verschuldigd zal zijn, door de Mij. als renteloos voor- |
|
69898 |
schot ter beschikking van het Rijk wordt gesteld. Men zie voor de over- |
|
69899 |
wegingen die de Regeering in deze zaak leidden bij „Almelo-Salzbergen“ |
|
69900 |
in jaarg. 1925, pag. 1603. Het resultaat van de onderhandelingen met de |
|
69901 |
H. S. was, dat deze f 3.000.000 voor den spoorweg bood. Dit bod werd |
|
69902 |
later door den Minister van Waterstaat tot f 3.500.000 verhoogd. De ver- |
|
69903 |
gadering van aandeelhouders van 9 Dec. 1925 verwierp dit bod en ver- |
|
69904 |
klaarde zich bereid een overeenkomst aan te gaan op den voet als die van |
|
69905 |
1922 (wat neerkomt op 168 pct. van de nominale waarde der aandeelen) met |
|
69906 |
rent-vergoeding ad 5 pct. als de naastingsprijs 1 Jan. 1926 niet uitbetaald |
|
69907 |
is en zoo hierop niet mocht worden ingegaan, den naastingsprijs door den |
|
69908 |
rechter te laten bepalen. Kort na dit besluit werd 23 Dec. 1925 tot |
|
69909 |
liquidatie ingaan'de 1 Jan. 1926 besloten. De leden der liquidatie- |
|
69910 |
commissie ontvangen elk max. f 1500, doch alleen ingeval 130 pct. op de |
|
69911 |
aandeelen is uitgekeerd. In de vergadering van de Tweede Kamer van |
|
69912 |
24 Maart 1926 verklaarde 'de nieuw opgetreden minister van waterstaat, |
|
69913 |
dat hij reeds stappen gedaan had om alsnog met de N.W.S.M. tot een |
|
69914 |
schikking betreffende den naastingsprijs te geraken. Inderdaad |
|
69915 |
werd een schikking bereikt, waarbij de naastings- |
|
69916 |
prijs werd vastgesteld op f 3.857.771.74 plus 5 pct. rente |
|
69917 |
vanaf 1 Jan. 1926 tot den dag van afrekening. De A. V. der N.W.S.M. |
|
69918 |
van 22 Febr. 1927 keurde de schikking goed. De H. S. schoot de naastings- |
|
69919 |
prijs renteloos aan den Staat voor en rekende 1 Aug. 1927 met de N.W.S.M .. |
|
69920 |
af. Zooals uit onderstaande afrekening blijkt werden bij de betalingen de |
|
69921 |
voorschotten door de H. S. aan de N.W.S.M. gegeven, in mindering ge- |
|
69922 |
bracht, waarna f 2.537.876.58 door H. S. was te betalen. |
|
69923 |
1896 1897 1898 1899 1905 1908 1909 1910 1911 1912 1913 |
|
69924 |
Hoogste koers 216 240 240 265 266 300 |
|
69925 |
Laagste koers 260 265 285 297} 298 |
|
69926 |
1916-1918: geer koers; 1919: E.K. 210: 1920: 165-140; 1921: 200-170: 1922: 175-145. |
|
69927 |
1923: 1543-142; 1924: 149-139; 1925: 160-143; 1926: 1442-131}. |
|
69928 |
Jaarcijfers tot 1925, en enkele andere mededeelingen, niet meer van actueel |
|
69929 |
belang vindt men op pag. 1709 van deel I 1927. |
|
69930 |
VAN Oss. Effectenboek voor 1928. XXV1. 109 |