|
28319 |
1000 MIJNBOUW-MAATSCHAPPIJEN. |
|
28320 |
taal: f 10.000.000, verdeeld in 5000 gewone en 5000 6 pct. cumulatief |
|
28321 |
preferente aandeelen. Beide soorten aandeelen, groot f 1000, zijn alle ge- |
|
28322 |
plaatst en volgestort. De C. V. Wm. H. Müller & Co. verkreeg |
|
28323 |
in Oct. 1929tot einde 1930 naast hetreedsinhaar |
|
28324 |
bezit zijnde gewone kapitaal der Mijnbouw Mpij. |
|
28325 |
ook nog 4775 der 5000 pref. aandeele'n, zoodat de |
|
28326 |
Mijnbouw Mpij. thans nagenoeg geheel aan de C. V. |
|
28327 |
behoort. De voorwaarden waarop de C. V. de pref. aandeelen verkreeg, |
|
28328 |
zijn elders in dit deel bij de C. V. medegedeeld. In 1921 werden de gew. |
|
28329 |
aand. nos. 1-50 afgestempeld als prioriteitsaandeelen, welke |
|
28330 |
op naam luiden en bijzondere (stem)-rechten hebben. Het kapitaal bedroeg |
|
28331 |
aanv. f 3.000.000, het werd in 1910 tot f 5.000.000 verhoogd en in 1913 tot |
|
28332 |
f 10.000.000, verdeeld als bovenstaand aangegeven. Van de gew. aand. wer- |
|
28333 |
den aanvankelijk f 1.500.000 uitgegeven, waarvan aan de firma Müller |
|
28334 |
f 1.202.000 voor den inbreng werden uitgereikt; de overige f 298.000 wer- |
|
28335 |
den à pari geplaatst. Op 1 Juli 1908 werden onderhands nog f 1.500.000 |
|
28336 |
aandeelen geplaatst en volgestort, terwijl in 1913 nog f 2.000.000 gewone |
|
28337 |
aandeelen door de houders der reeds uitstaande gewone aandeelen werden |
|
28338 |
genomen. Voor de aanleiding tot de kapitaalsvergrooting van 1908, alsmede |
|
28339 |
voor de uitgifte in dat jaar van nog f 2.000.000 obligatiën, zie jaargang 1909. |
|
28340 |
De inschrijving op de f 2.000.000 6 pct. cum. pref. winstdeelende |
|
28341 |
aandeelen, elk gro o t f 1000, stond op 7 Juni 1910 open tot den koers |
|
28342 |
van 100 pct. bij de Rotterdamsche Bank en bij Labouchere Oyens & Co.'s |
|
28343 |
Bank, terwijl op 8 April 1913 bij dezelfde banken à 100 pct. de inschrijving |
|
28344 |
openstond op een zelfde bedrag dezer aandeelen, inclusief dividen'd 1913, |
|
28345 |
zijnde f 1.000.000 reeds vast geplaatst. Omtrent verwisseling der pref. |
|
28346 |
aandeelen van de Mijnbouwmpij. tegen pref. aandeelen C. V. Wm H. |
|
28347 |
Müller & Co., zie men deze laatste elders in dit deel. Er zijn 100 o p r i c h- |
|
28348 |
tersbewijzen uitgegeven. Divid. gew. aan'd. 1903-1914: 4, 4, 4, |
|
28349 |
6, 10, 6, 8, 8, 10, 10, 13 en 5 pct. (no. 12); sedert nihil; pref. aand. 1910:34 |
|
28350 |
pct. (6 mnd.); 1911-1913: telkens 7 pct .; 1914-1923: telkens 6 pct. (inter- |
|
28351 |
div. van 3 pct., 15 Januari 1924, no. 20 en slotdividend 3 pct., 10 Juni 1924, |
|
28352 |
no. 21)); 1924-1930: nihil, zoodat ulto 1930 42 pct. achterstallig was. Het |
|
28353 |
t/m. 1928 opgeloopen dividend ad 30 pct. kon in October 1929 worden |
|
28354 |
geïnd door hen die het aanbod tot verwisseling der aandeelen tegen pref. |
|
28355 |
aandeelen in de Comm. Venn. Wm H. Müller & Co. accepteerden. De |
|
28356 |
aldus te ontvangen f 300 werd dan voor f 180 in scrip en f 120 in contanten |
|
28357 |
voldaan. Zie voor het verwisselingsaanbod de C. V. elders in dit deel. U i t- |
|
28358 |
keering oprichtersbewijzen 1907-1913: f 200, 0, f 200, f 250, f 500, f 500 |
|
28359 |
en f 1250 (no. 6); sedert: nihil. Winstverdeeling: eerst 6 pct. |
|
28360 |
cumulatief aan preferente aandeelen; daarna 6 pct. gewone aan- |
|
28361 |
deelen. Van het resteerende: 10 pct. reservefonds en van het daarna |
|
28362 |
overblijvende: 10 pct. pref. aandeelen, 65 pct. gewone aandeelen, 25 pct. |
|
28363 |
oprichtersbewijzen. 5 pct. Obligatiën van 1911 en 1913, |
|
28364 |
met coupons per 1 Febr. en 1 Aug. Aflosbaar door uitloting à pari |
|
28365 |
in Mei, ter afbetaling op 1 Aug. d.a.v. Versterkte of geheele aflossing |
|
28366 |
is geoorloofd, mits het plan hiertoe vóór 1 April is bekend gemaakt. Het |
|
28367 |
uitlotingsplan is voor de leening 1911 in de jaren 1913-1932 als volgt : |
|
28368 |
60, 63, 67, 70, 74, 77, 81, 85, 89, 94, 99, 103, 109, 114, 120, 125, 132, 139, 146 |
|
28369 |
en 153 stuks, terwijl het plan van aflossing voor de leening 1913, als volgt |
|
28370 |
is: 1915-1934: 90, 95, 100, 105, 111, 116, 121, 127, 133, 141, 148, 155, 164, 171, |