|
27149 |
998 MIJNBOUW-MAATSCHAPPIJEN. |
|
27150 |
Arbitrageproces. In den loop van het jaar 1929 deed zich een geschil voor tus- |
|
27151 |
schen de Bataafsche Petroleum Maatschappij en de Vennootschap, loopende over |
|
27152 |
de wijze van interpretatie van de bepalingen van de royalty-overeenkomst, betreuen- |
|
27153 |
de de oorspronkelijke Kloeang vergunnings-terreinen. Een gedeelte dier terreinen |
|
27154 |
wordt door de Bataafsche, op grond van een later door de Regeering aan haar |
|
27155 |
verleend 5a-contract geëxploiteerd. De bestuurders zijn van meening, dat de Ba- |
|
27156 |
taafsche ook over de daar gewonnen ruwe olie (1 Mei 1931 ca. 344.000 K.G. ton), |
|
27157 |
royalty verschuldigd is. In gemeenschappelijk overleg werd besloten deze kwestie |
|
27158 |
ter beslissing in handen te stellen van een commissie van drie scheidslieden. |
|
27159 |
Het geschil werd in October 1931 door dading beëindigd, in dier voege dat de |
|
27160 |
Koninklijke f 836.995.60 in contanten betaalde voor den afgeloopen tijd (de A. E. M. De- |
|
27161 |
taalde hieruit 6 pct. interim dividend) en in het vervolg voor Noord Kloeang een |
|
27162 |
royalty zal betalen oploopend van f 1.25 tot f 2 .- per Ko. ton naar gelang de pro- |
|
27163 |
ductie en met een separaat minimum van f 25.000 .- per jaar. De arbitragekosten |
|
27164 |
werden door elke partij voor de helft gedragen. |
|
27165 |
Belastingrestitutie. In Aug. 1932 berichtte de directie op hare doleantie over |
|
27166 |
te veel betaalde belasting over 1928/1930 in Ned .- Indië, een gunstige beschikking te |
|
27167 |
hebben verkregen, zoodat de mpij. f 169.653.50 terug ontvangt. |
|
27168 |
Algemeene Industrieele Mijnbouw & Exploitatie |
|
27169 |
Maatschappij (A I. M. E.) te Batavia. Opgericht: 24 Mei 1918. |
|
27170 |
Doel: het beoefenen van den mijnbouw, de industrie en den landbouw |
|
27171 |
en het drijven van handel, alles in den ruimsten zin des woords. De mpij. |
|
27172 |
bezit 3695 H.A. mangaanconcessies in het Djocjasche, waarop 3 diepmijnen |
|
27173 |
en één dagbouwontginning in exploitatie zijn. Concessies voor 8774 H.A. |
|
27174 |
aansluitend terrein zijn in aanvraag. Verder heeft de mpij. een aannemings- |
|
27175 |
contract met de Ned. Ind. Regeering voor winning van goud, zilver, koper |
|
27176 |
enz. in de Djampangs (Java). Erts van loonend goud- en kopergehalte is |
|
27177 |
aldaar aangetoond. De mpij heeft nog meerdere vergunningen op Java en |
|
27178 |
ook nog concessies voor ontginningen van zilverhoudend loodzink e.a. ert- |
|
27179 |
sen in aanvraag. De venn. bezit verder f 457.000 van de f 600.000 aandeelen |
|
27180 |
der N.V. Zwavelontginning „Kaweh Poetih", welke zwavel wint uit de |
|
27181 |
zwavelmodder van het 101 H.A. groote oude kratermeer der Goenoeng |
|
27182 |
Patoeha. De mpij. verzorgt zelf den verkoop van haar producten in Europa |
|
27183 |
en Amerika en heeft daartoe de tot 4 Mei 1931 zelfstandig werkende Alg. |
|
27184 |
Ertsmpij. te R'dam geabsorbeerd ten koste van f 200.000 aandeelen. K a p i- |
|
27185 |
t a a 1 geautoriseerd f 2.000.000, waarvan geplaatst f 1.200.000 in aandee- |
|
27186 |
len groot f 1000 en onderaandeelen groot f 200. Het geplaatst be- |
|
27187 |
drag steeg van f 400.000 bij de oprichting, door bonusuitgiften uit de win- |
|
27188 |
sten van 1926 t/m. 1929 tot f 900.000, door ondershandsche plaatsing in 1930 |
|
27189 |
van f 100.000 (à 250 pct.) tot f 1.000.000 en door uitgifte tot verkrijging |
|
27190 |
eener afzetorganisatie in 1931 tot f 1.200.000. Op 23 Mei 1930 werden f 250.000 |
|
27191 |
onderaandeelen groot f 200 (waaronder de f 100.000 in 1930 ondershands |
|
27192 |
geplaatste aandeelen) door Theod. Gilissen, Commiessiebk. Holland Indië |
|
27193 |
en R'damsch Effectenkantoor, te Amsterdam geintroduceerd. Eerste koers |
|
27194 |
250 pct. Een „Bericht“ betreffende deze introductie vindt men in deel I |
|
27195 |
1931. De aandeelen verkregen voor het eerst 1 Mei 1931 officieele noteering ; |
|
27196 |
zij hebben ook noteering te Batavia. Winstverdeeling: eerst 10 |
|
27197 |
pct. aan het reservefonds, daarna 6 pct. dividend op de aandeelen. Van |
|
27198 |
de overwinst 10 pct. aan het reservefonds, 15 pct. aan den directeur, 20 |
|
27199 |
pct. aan commissarissen en het restant aan aandeelhouders. Zoodra en |
|
27200 |
zoolang het reservefonds per één millioen gulden of minder volgestort |
|
27201 |
kapitaal f 200.000 zal bedragen, worden daaraan geen gelden meer ten laste |
|
27202 |
der Winst- en Verliesrekening toegevoegd, tenzij de A. V. meer reservee- |
|
27203 |
ring goedkeurt. Dividend 1922-1930: 6, 10, 25, 20, 40, 40, 45, 35 en 12} |
|
27204 |
pct. Ind. Crt. (No. 14, 4 Aug. 1931, hier bij de venn. te R'dam en bij de |
|
27205 |
N. H. M. en Theod. Gilissen te A'dam.) 1931 : nihil. Bonusuitgiften: |