|
61172 |
1556 DIVERSEN |
|
61173 |
stortingen. Het res.fonds heeft sedert 1908 zijn statutair maximum van 25 |
|
61174 |
pet. van het geplaatst kapitaal bereikt, waardoor de dotatie vervalt; even- |
|
61175 |
zoo vervalt de dotatie aan het amortisatiefonds zoodra en zoolang |
|
61176 |
dit 10 pct. bedraagt van de balanswaarde der onroerende goe- |
|
61177 |
deren (hetgeen sedert 1919 het geval is). Van de vrijkomende 10, resp. 20 |
|
61178 |
pet., komt 2} pct. als dividend aan de houders van oprichtersbewijzen, be- |
|
61179 |
nevens 2} pct. geheel of gedeeltelijk aan het kantoorpersoneel. Hetgeen |
|
61180 |
niet onder het personeel wordt verdeeld, wordt als dividend-reserve voor |
|
61181 |
het personeel geboekt. De resteerende 5 of 15 pct. komen den aandeel- |
|
61182 |
houders ten goede. 6 pct. Obligatiën 1921-1923, Leeningen |
|
61183 |
groot f 5.000.000, in seriën van f 250.000, waarvan aangemaakt tot ulto Dec. |
|
61184 |
1932 f 4.750.000. Inschrijving 27 Jan. 1922 o.a. bij Praetorius & Zn. op |
|
61185 |
f 2.000.000 6 p c t. ob liga ti ë n à 99 pct. Stukken groot f 1000 en f 250 |
|
61186 |
gemerkt A-D, coupons per 1 Febr. en 1 Aug. Aflossing à pari |
|
61187 |
door uitloting, aanvangende 8 jaren na de uitgifte der serie, voor de eerst |
|
61188 |
uitgegeven seriën dus niet voor 1930, van minstens 5 obligatiën per jaar |
|
61189 |
van elke uitgegeven serie of gedeelte van een serie. Officieele noteering |
|
61190 |
sedert 17 Maart 1922. Verdere uitgifte van 6 pct. obligatiën had plaats, mede |
|
61191 |
in verband met de hieronder genoemde conversie in 1923 van 5} pct. obli- |
|
61192 |
gatiën. In omloop op 31 December 1932 f 2.975.250. 5 pct. Obligatiën |
|
61193 |
1915-1919. Leeningen samen groot f 7.500.000. Leening 1915, groot |
|
61194 |
f 2.500.000, verdeeld in 10 seriën van f 250.000 elk. Stukken groot f 1000 |
|
61195 |
en f 250, met co up on s per 1 April en 1 Oct. Aflossing door uitloting |
|
61196 |
à pari na 1926 van jaarlijks ten minste 2 pct. der uitgegeven seriën. Van |
|
61197 |
de leening 1919, groot f 5.000.000, werden in 1920 en daarna 20 seriën van |
|
61198 |
f 250.000 uitgegeven in gelijke coupures en met dezelfde vervaldagen der |
|
61199 |
coupons als de reeds genoteerde 5 pct. obligatiën. Aflossing door uitloting à |
|
61200 |
pari - waarvan het bedrag door den raad van toezicht telkens wordt vast- |
|
61201 |
gesteld - echter niet vóór het 12e jaar na de uitgifte der betreffende serie. |
|
61202 |
Op 31 December 1932 waren f 6.939.000 obligatiën in omloop. Alle series heb- |
|
61203 |
ben officieele noteering en zijn dooréénleverbaar. Sedert 15 Oct. 1930 wor- |
|
61204 |
den afgegeven 5 pct. obligatiën 1930 der leening groot f 5.000.000, |
|
61205 |
waarvan 31 Dec. 1932 was aangemaakt f 2.000.000, in coupures van |
|
61206 |
f 1000 en f 250 met coupons per 1 Maart en 1 September. De leening |
|
61207 |
is verdeeld in 20 seriën à f 250.000. Aflossing à pari, niet vóór het |
|
61208 |
7e jaar na de uitgifte der serie, dus in ieder geval niet vóór 1937, terwijl |
|
61209 |
daarna jaarlijks, uiterlijk in Maart, minstens f 5.000 worden uitgeloot. |
|
61210 |
Officieele noteering voor het eerst 13 Nov. 1930. Alle seriën zijn dooréén- |
|
61211 |
leverbaar. Op 31 Dec. 1932 in omloop f 1.815.500. 42 pct. obligatiën |
|
61212 |
1900, leening van f 1.000.000, stukken groot f 1000, coupons |
|
61213 |
per 1 Februari en 1 Augustus. Aflossing door uitloting à pari, in |
|
61214 |
34 jaren, aangevangen in 1906; jaarlijks moet minstens f 20.000 worden |
|
61215 |
afgelost. De inschrijving was op 5 Juni 1900 à pari opengesteld bij de H.H. |
|
61216 |
Praetorius & Zoon te Amsterdam. Op 31 Dec. 1932 in omloop f 331.000 |
|
61217 |
4} pct. obligatiën 1910-1915, leeningen samen groot f 6.000.000, |
|
61218 |
waarvan ulto 1932 was aangemaakt f 5.500.000. Inschrijving à pari op |
|
61219 |
4 November 1910 bij de Heeren Praetorius & Zoon en C. de Ruyter op |
|
61220 |
f 1.000.000 43 pct. obligatiën groot f 1000 en f 250, met coupons per |
|
61221 |
1 Mei en 1 November. Aflossing van de uitgifte 1910 door uitloting |
|
61222 |
binnen 34 jaar, te beginnen in 1917, na dien datum met het recht tot |
|
61223 |
geheele aflossing. De in 1911-1914 in seriën van f 500.000 uitgegeven obli- |
|
61224 |
gatiën, zijn aflosbaar à pari bij uitloting, aangevangen 8 jaar na uitgifte |