|
18204 |
INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN. 833 |
|
18205 |
brachte preferente aandeelen, welke toen tevens hun preferentie verloren, |
|
18206 |
terwijl 1400 stuks in Juni 1929 werden geplaatst. De 3691 restantaandeelen |
|
18207 |
van f 1 zijn de vroegere gewone aandeelen, waarvan er 4000 van f 1000 tot |
|
18208 |
f 1 .- werden teruggebracht. Van deze 4000 zijn er in 1927-1930 respec- |
|
18209 |
tievelijk 55, 75, 78 en 101 uitgeloot. De rechten van de 2 aandeelensoorten |
|
18210 |
(zie winstverdeeling) kunnen slechts worden gewijzigd, indien op een |
|
18211 |
daartoe voor de houders van elk soort aand. uit te schrijven vergadering 2/3 |
|
18212 |
(vóór 1929 4/5) van de uitgebrachte stemmen er vóór zijn. Elke 1 t/m. 100 res- |
|
18213 |
tantaand. geeft (geven) recht op één stem. Het oude gepl. kapit., aanvanke- |
|
18214 |
lijk groot f 1.000.000, werd nog in 1916 verhoogd tot f 1.602.000, in 1917 tot |
|
18215 |
f 2.200.000, in 1918 tot f 5.047.000 en in 1920 tot f 6.633.000, verdeeld als boven |
|
18216 |
onder „reorganisatie" vermeld. Publieke emissies van gewone aandeelen |
|
18217 |
(vóór de reorganisatie) vonden als volgt alle door tusschenkomst der R. B. V. |
|
18218 |
plaats : op 17 Febr. 1916 f 500.000 à 125 pct., inclusief dividend 1916. Op |
|
18219 |
21 Maart 1918 f 1.127.000 à 180 pct., inclusief div. 1918. Uitsluitend voor |
|
18220 |
houders van gewone aandeelen 1 : 1 (no. 3). Op 24 Juni 1920 f 1.207.000 |
|
18221 |
à 108 pct. (incl. div. 1920). Voorkeur voor houders van gewone aand. 2 : 1, |
|
18222 |
no. 5. Voor het prospectus zie men aan het einde van deel I, jaarg. 1921. |
|
18223 |
Ten slotte werden Sept. 1920 nog f 379.000 gewone aandeelen ondershands |
|
18224 |
geplaatst. De preferente aandeelen van vóór de reorganisatie vonden plaat- |
|
18225 |
sing als volgt: In 1916 f 502.000 ondershands, op 23 Juli 1917 f 498.000 |
|
18226 |
à 100 pct., incl. het halve div. en het volle aandeel in de over- |
|
18227 |
winst van 1917 en op 21 Maart 1918 f 1.254.000 à 100 pct., incl. |
|
18228 |
div. 1918. Na de reorganisatie stond op 14 Juni 1929 de inschrij- |
|
18229 |
ving open op f 700.000 gewone aandeelen groot f 500 à 108 pct. incl. |
|
18230 |
winst 1929. Voorkeur 2 : 1, no. 9. De claim bracht van f 1 tot 4.50 op. |
|
18231 |
Prospectus aan het einde van deel I 1930. Deze aandeelen zijn dooreen- |
|
18232 |
leverbaar met de vroegere pref. aandeelen, waarop de bovenvermelde reduc- |
|
18233 |
tie is afgestempeld; deze worden sedert 5 Oct. 1925 genoteerd als gewone |
|
18234 |
aandeelen, groot f 500 en zijn zonder die afstempeling niet lever- |
|
18235 |
baar. De oude gewone aandeelen vervielen op denzelfden dag uit de no- |
|
18236 |
teering. De afstempeling kon vanaf 22 September 1925 geschieden bij de |
|
18237 |
vennootschap en bij de Rotterdamsche Bankvereeniging. Op 12 Juli 1916 |
|
18238 |
stond bij de genoemde emittenten de inschrijving open op f 1.000.000 5 pct. |
|
18239 |
obligatiën, groot f 1000, met co up on s per 1 Februari en 1 Augus- |
|
18240 |
tus. Aflossing in 25 jaar, te beginnen in 1918 door uitloting à pari |
|
18241 |
in Juni met aflosbaarstelling op 1 Augustus d.a.v., en wel resp .: 21, 22, |
|
18242 |
23, 24, 25, 27, 28, 30, 31, 32, 34, 36, 38, 40, 41, 43, 45, 48, 51, 54, 56, 59, |
|
18243 |
61, 64 en 67 obligatiën van f 1000. Recht tot versterkte of algeheele aflossing |
|
18244 |
voorbehouden. De onroerende eigendommen der onderhoorige fabrieken |
|
18245 |
mogen niet worden verkocht zonder toestemming der obligatiehouders. Op |
|
18246 |
16 Mrt. 1932 werd (met 58 stemmen) door obligatiehouders besloten eenige |
|
18247 |
perceelen uit het verband te ontslaan. Trustee: R'damsche Bankvereen. |
|
18248 |
Voor het prospectus zie men aan het einde van deel I, jaargang 1918/19. |
|
18249 |
Winstverdeeling sedert statutenwijziging 1929: eerst tot 6 pct. di- |
|
18250 |
vidend op de gewone aandeelen. Van de rest 10 pct. aan de directie ; 5 pct. |
|
18251 |
aan de commissarissen; 60 pct. ter beschikking der vergadering van ge- |
|
18252 |
wone aandeelhouders; 25 pct. ten behoeve van houders van restant-aan- |
|
18253 |
deelen. Hetgeen aldus beschikbaar is tot uitkering op de restant-aan- |
|
18254 |
deelen wordt telkens uitgekeerd tot een bedrag van f 249, op elk bij loting |
|
18255 |
(ten overstaan van een notaris) aan te wijzen restant-aandeel, welke restant- |
|
18256 |
VAN Oss. Effectenboek voor 1934. XXXI1. 53 |