|
32019 |
PETROLEUM-MAATSCHAPPIJEN. 1047 |
|
32020 |
Petroleum Mpij. In de algemeene vergadering op 13 Febr. 1925 werd beslo- |
|
32021 |
ten tot liquidatie. Liquidateur: de directeur H. Blok Wybrandi, |
|
32022 |
onder toezicht der tegenwoordige commissarissen. In verband daarmede |
|
32023 |
werden de batige saldi van 1924 t/m. 1931 ad resp. f 90.000, f 43.000, f 17.000, |
|
32024 |
f 14.000, f 8000, f 5000, f 7000 en f 5000 gebruikt tot afbetaling op het gew. |
|
32025 |
kapitaal, dat daarna nog f 1.311.000 groot is. De pref. aandeelen zijn, na de |
|
32026 |
aflossing zonder nominale waarde blijven bestaan. Zij werden vanaf 5 Juni |
|
32027 |
1919 ter beurze verhandeld ex-dividend 1918, ex-afbetaling van f 800 en in |
|
32028 |
eensgevend geld. Vanaf 4 Juli 1921 was bij de Twentsche Bank op elk |
|
32029 |
vroeger preferent aandeel f 205 betaalbaar ter algeheele afbetaling |
|
32030 |
van hoofdsom en rente tegen afstempeling op de stukken en inlevering |
|
32031 |
van de bij die stukken behoorende talons. De afgestempelde pref. |
|
32032 |
aandeelen waarop de hoofdsom is terugbetaald, vervielen 7 Aug. 1928 |
|
32033 |
uit de officieele noteering doch werden daarin op 15 Aug. 1928 weder opge- |
|
32034 |
nomen. Zij zijn leverbaar mits voorzien van de stempels vermeldende de |
|
32035 |
beide terugbetalingen. Verhandeling geschiedt in eensgevend geld. |
|
32036 |
Deze stukken deelen eventueel in het restant dat zal overblijven als |
|
32037 |
alle gewone aandeelen zijn afgelost. Inbreng: Door de Petro- |
|
32038 |
leum Mpij. Holland-Perlak werden alle haar tot 25 Nov. 1905 ver- |
|
32039 |
leende vergunningen aan de Petroleum-Maatschappij Zuid- |
|
32040 |
Perlak overgedragen (zie jrg. 1907). Bedoelde vergunningen zijn gelegen |
|
32041 |
aan den linker- en rechteroever der Perlak-rivier en grenzen onmiddellijk |
|
32042 |
aan de concessieterreinen der Perlak Petroleum-Maatschappij. Omtrent de |
|
32043 |
gestaakte onderhandelingen over de Djambi-concessies, zie men bijzon- |
|
32044 |
derheden in jaargang 1915/16, deel I, pag. 780. Een groot gedeelte |
|
32045 |
der terreinen, waarover de Zuid-Perlak de beschikking verkreeg, ligt |
|
32046 |
in het verlengde van de op de terreinen der Perlak Petroleum-Mpij. aanwe- |
|
32047 |
zige anticlinale. De concessies werden voor 75 jaar verleend. Omtrent de |
|
32048 |
vroegere overeenkomsten met de „Koninklijke" en de „Bataafsche" zie men |
|
32049 |
laatstelijk deel I 1930. Voor de thans geldende overeenkomst met de „,Ba- |
|
32050 |
taafsche" zie men de kleine letter. Verdeeling bij liqui- |
|
32051 |
datie: na terugbetaling van het preferente en het gew. kapitaal |
|
32052 |
wordt het eventueel resteerende verdeeld als volgt: 5 pct. aan de directie, |
|
32053 |
20 pct. aan commissarissen samen, 35 pct. aan houders der vroegere prefe- |
|
32054 |
rente aandeelen en 40 pct. aan de aandeelhouders. Dividenden: |
|
32055 |
1906 en 1907: nihil; 1908-1910: gewone aandeelen f 102, f 132 en f 84 (no. 3), |
|
32056 |
sedert nihil: preferente aandeelen: f 96.75, f 123 en f 81 (no. 3); 1911-1913 : |
|
32057 |
nihil ; 1914-1920: 5, 6, 6, 6, 6, 6 en 6 pct. (no. 10, 1 Febr. 1921). De pref. |
|
32058 |
aandeelen zonder nominale waarde (winstbewijzen) zullen niets |
|
32059 |
ontvangen vóór het geheele gewone kapitaal is afbetaald; bij de laatste |
|
32060 |
terugbetaling- (zie boven) werden nieuwe dividendbladen met div. bewijzen |
|
32061 |
no. 1 e.v. verstrekt. |
|
32062 |
Adres: Den Haag, Princessegracht 12. |
|
32063 |
Overeenkomst Bataafsche-Zuid-Perlak. De bestaande overeenkomst met |
|
32064 |
de Bataafsche betreffende de levering van petroleum van de terreinen der Z. P. |
|
32065 |
aan de Bataafsche tegen een prijs van f 15 per ton vervalt. De Zuid-Perlak heeft |
|
32066 |
n.l. te kennen gegeven, dat zij uit hoofde van den voortdurenden achteruitgang |
|
32067 |
van de hoeveelheid ruwe olie, die zij op haar terreinen wint, geen belang bij eenige |
|
32068 |
eigen exploitatie meer heeft. Derhalve heeft de Bataafsche zich bereid verklaard |
|
32069 |
de exploitatie dier terreinen voor eigen rekening te nemen tegen betaling van eene |
|
32070 |
royalty. Bij de nieuwe overeenkomst, die in verband met deze regeling in Dec. 1920 |
|
32071 |
is tot stand gekomen, werd deze royalty bepaald op f 10 per ton ruwe olie voor |
|
32072 |
zoover het betreft het winnen van olie uit de door de Z. P. aangelegde putten. |
|
32073 |
Voor de olie uit de eventueel door de Bataafsche te boren putten zal een royalty |
|
32074 |
van f 5 per ton worden betaald voor een hoeveelheid van 10.000 ton per jaar of |