|
5314 |
596 INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN. |
|
5315 |
daarna de preferente aandeelen B en daarna de prioriteits- en gewone |
|
5316 |
aandeelen achtereenvolgens tot 6 pct. over het nominaal bedrag. Daarna |
|
5317 |
wordt op voorstel van het Bestuur een gedeelte der winst over gebracht |
|
5318 |
naar de reserve. De daarna resteerende overwinst komt tenzij de A. V. |
|
5319 |
besluit daaraan geheel of gedeeltelijk een andere bestemming te geven |
|
5320 |
aan aandeelhouders, uitgezonderd houders van prioriteitsaandeelen, met |
|
5321 |
dien verstande, dat op elk aandeel uit dezen hoofde een gelijk bedrag |
|
5322 |
wordt uitgekeerd, ongeacht het nominaal bedrag der aandeelen. Over |
|
5323 |
de boekjaren 1896 tot en met 1915, bedroegen de dividenden respectieve- |
|
5324 |
lijk over een kapitaal van f 400.000: 224, 121, 22, 25, 20, 26, 20, 20, 25, 29, |
|
5325 |
30, over een kapitaal van f 800.000: 18.8, 20, 25, 21, 27, 39, over cen kapitaal |
|
5326 |
van f 1.200.000 : 33, 41 en 65 pct., terwijl in 1916 bovendien aan aandeel- |
|
5327 |
houders f 200.000 nieuwe aandeelen zijn uitgekeerd, zoodanig dat op iedere |
|
5328 |
6 oude aandeelen 1 nieuw aandeel werd beschikbaar gesteld. Over de jaren |
|
5329 |
1905-1915 bedroeg het dividend gemiddeld 31.98 pct. Dividend 1916- |
|
5330 |
1922: (gewone aand.): 34, 40, 24, 30, 20, 10 en 6 pet .; 1923 en 1924: nihil; |
|
5331 |
1925-1933 (gereduceerd kapitaal): 8, 14, 14, 14, 18, 14, 0, 8 en 8 pct. (no. 21, |
|
5332 |
1 Juni 1934 bij de venn., M. & Zn. en R. B. V.). Dividendbewijs no. 19 |
|
5333 |
werd waardeloos verklaard. Dividend 1920-1922 (preferente aandee- |
|
5334 |
len A) : 7.4, 6 en 6 pct .; 1923 en 1924: nihil, dus 12 pct. achterstallig; |
|
5335 |
1925-1933: 0, 6, 6, 6, 63, 6, 0, 2} en 2} pct. (no. 10a, 1 Juni 1934) ; preferente |
|
5336 |
aandeelen B 1920-1922: 8.8, 6 en 6 pct .; 1923 en 1924: nihil, dus 12 pct. |
|
5337 |
achterstallig; 1925-1930: 0, 6, 6, 6, 7 en 6 pct. (no. 8a, 15 Juni 1931); |
|
5338 |
sedert: nihil. Nadat reeds f 500.000 vast geplaatst was, stond op |
|
5339 |
23 Februari 1921 bij de Rotterdamsche Bankvereeniging en de H.H. R. |
|
5340 |
Mees & Zn. à pari de inschrijving open op f 2.500.000 7 pct. tien- |
|
5341 |
jarige obligatiën, deel uitmakende van de eerste f 3.000.000 der |
|
5342 |
leening groot f 6.400.000, in stukken van f 1000 elk. Coupons 1 Februari |
|
5343 |
en 1 Aug. De leening voor zoover uitgegeven was in haar geheel à pari |
|
5344 |
aflosbaar op 1 Febr. 1931, terwijl recht van vervroegde aflossing was voor- |
|
5345 |
behouden, welke ingeval van gedeeltelijke aflossing à 103 pct. |
|
5346 |
moest geschieden. Zooals uitvoeriger vermeld in deel I 1926, werd in ver- |
|
5347 |
ban'd met den toestand der mpij. op 9 April 1925 door oblig.houders goedge- |
|
5348 |
vonden dat op 1 Mei 1925 zonder agio 60 pct. op de obligaties werd afgelost, |
|
5349 |
de rente voor het restant op 5 pct. werd teruggebracht en le hyp. voor |
|
5350 |
dat restant werd verleend. Dientengevolge zijn de 7 pcts. obligatiën thans |
|
5351 |
afgestempeld tot 5 pct. le hypothecaire obligatiën groot |
|
5352 |
f 400, met coupons 1 Febr. en 1 Aug. Aflossing: Het uitstaand |
|
5353 |
bedrag der leening is opeischbaar als volgt: telkens op 1 Aug. der jaren |
|
5354 |
1931 t.e.m. 1945 resp. 56, 60, 60, 64, 68, 73, 76, 80, 84, 88, 92, 96, |
|
5355 |
100, 100 en 104 duizend gulden. Vervroegde geheele of gedeeltelijke aflos- |
|
5356 |
sing door inkoop of door uitloting à pari te allen tijde voorbehouden. |
|
5357 |
Op 1 Mei 1934 werden f 717.600 obligatiën, uitmakende de |
|
5358 |
verplichte uitlotingen van 1934 t/m. 1942, afgelost. |
|
5359 |
Aflossingen 'die eerder dan of boven de verplichte termijnen en bedragen |
|
5360 |
zijn geschied, kunnen op een der volgende termijnen, naar keuze der |
|
5361 |
mpij. in mindering worden gebracht. Rente en aflossing wor- |
|
5362 |
den sedert 1 Jan. 1929 gegarandeerd door de N.V. Vereen. |
|
5363 |
Fabrieken van Stearine, Kaarsen en Chemische Producten. Trustee : |
|
5364 |
Nederlandsch Administratie- en Trustkantoor. Voor het prospectus zie |
|
5365 |
men aan het einde van deel II, jaarg. 1921. De 7 pct. obligaties verkregen |