|
18399 |
INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN. 817 |
|
18400 |
het geplaatst kapitaal. De 4000 geplaatste gewone aandeelen zijn, wat 2600 |
|
18401 |
stuks betreft, de bij de reorganisatie van f 1000 op f 500 teruggebrachte pref. |
|
18402 |
aand., welke toen tevens hun preferentie verloren, terwijl de verdere f 1400 |
|
18403 |
stuks in Juni 1929 werden geplaatst. De 3691 restantaand. van f 1 .- zijn |
|
18404 |
de vroegere gewone aandeelen, waarvan er 4000 van f 1000 tot f 1 .- |
|
18405 |
werden teruggebracht. Van deze 4000 zijn er in 1927-1930 respectie- |
|
18406 |
velijk 55, 75, 78 en 101 uitgeloot. Het oude geplaatste kapitaal, aanvanke- |
|
18407 |
lijk groot f 1.000.000, werd nog in 1916 verhoogd tot f 1.602.000, in 1917 tot |
|
18408 |
f 2.200.000, in 1918 tot f 5.047.000 en in 1920 tot f 6.633.000, verdeeld als boven |
|
18409 |
onder „reorganisatie" vermeld. Publieke emissies van gewone aandeelen |
|
18410 |
(vóór de reorganisatie) vonden als volgt alle door tusschenkomst der R. B. V. |
|
18411 |
plaats : op 17 Febr. 1916 f 500.000 à 125 pct., inclusief dividend 1916. Op |
|
18412 |
21 Maart 1918 f 1.127.000 à 180 pct., inclusief div. 1918. Uitsluitend voor |
|
18413 |
houders van gewone aandeelen 1 : 1 (no. 3). Op 24 Juni 1920 f 1.207.000 |
|
18414 |
à 108 pct. (incl. div. 1920). Voorkeur voor houders van gewone aand. 2 : 1, |
|
18415 |
no. 5. Voor het prospectus zie men aan het einde van deel I, jaarg. 1921. |
|
18416 |
Ten slotte werden Sept. 1920 nog f 379.000 gewone aandeelen ondershands |
|
18417 |
geplaatst. De preferente aandeelen van vóór de reorganisatie vonden plaat- |
|
18418 |
sing als volgt: In 1916 f 502.000 ondershands, op 23 Juli 1917 f 498.000 |
|
18419 |
à 100 pct., incl. het halve div. en het volle aandeel in de over- |
|
18420 |
winst van 1917 en op 21 Maart 1918 f 1.254.000 à 100 pct., incl. |
|
18421 |
div. 1918. Na de reorganisatie stond op 14 Juni 1929 de inschrij- |
|
18422 |
ving open op f 700.000 gewone aandeelen groot f 500 à 108 pct. incl. |
|
18423 |
winst 1929. Voorkeur 2 : 1, no. 9. De claim bracht van f 1 tot 4.50 op. |
|
18424 |
Prospectus aan het einde van deel I 1930. Deze aandeelen zijn dooreen- |
|
18425 |
leverbaar met de vroegere pref. aandeelen, waarop de bovenvermelde reduc- |
|
18426 |
tie is afgestempeld; deze worden sedert 5 Oct. 1925 genoteerd als gewone |
|
18427 |
aandeelen, groot f 500 en zijn zonder die afstempeling niet lever- |
|
18428 |
baar. De oude gewone aandeelen vervielen op denzelfden dag uit de no- |
|
18429 |
teering. De afstempeling kon vanaf 22 September 1925 geschieden bij de |
|
18430 |
vennootschap en bij de Rotterdamsche Bankvereeniging. Op 12 Juli 1916 |
|
18431 |
stond bij de genoemde emittenten de inschrijving open op f 1.000.000 5 pct. |
|
18432 |
obligatiën, groot f 1000, met coupons per 1 Februari en 1 Augus- |
|
18433 |
tus. Aflossing in 25 jaar, te beginnen in 1918 door uitloting à pari |
|
18434 |
in Juni met aflosbaarstelling op 1 Augustus d.a.v., en wel resp .: 21, 22, |
|
18435 |
23, 24, 25, 27, 28, 30, 31, 32, 34, 36, 38, 40, 41, 43, 45, 48, 51, 54, 56, 59, |
|
18436 |
61, 64 en 67 obligatiën van f 1000. Recht tot versterkte of algeheele aflossing |
|
18437 |
voorbehouden. Op 22 Jan. 1934 keurden obligatiehouders goed in de trust- |
|
18438 |
acte de mogelijkheid van vroegere verplichte aflossing op te nemen. Per |
|
18439 |
1 Augustus 1934 100 obligatiën vervroegd afgelost. De onroerende eigen- |
|
18440 |
dommen der onderhoorige fabrieken mogen niet worden verkocht zonder |
|
18441 |
toestemming der obligatiehouders. Op 16 Maart 1932 werd (met 58 stem- |
|
18442 |
men) door obligatiehouders besloten eenige perceelen uit het verband |
|
18443 |
te ontslaan. Trustee: Rotterdamsche Bankvereeniging. Prospectus |
|
18444 |
in deel I, jaargang 1918/19. Winstverdeeling: Na afschrijvin |
|
18445 |
gen door het Bestuur te bepalen, eerst 6 pct. dividend op de gewone |
|
18446 |
aandeelen. Van de rest 10 pct. aan de directie; 5 pct. aan de commis- |
|
18447 |
sarissen; 60 pct. ter beschikking der vergadering van gewone aandeel- |
|
18448 |
houders; 25 pct. ten behoeve van houders van restant-aandeelen. Het- |
|
18449 |
geen aldus beschikbaar is tot uitkeering op de restant-aandeelen wordt |
|
18450 |
telkens uitgekeerd tot een bedrag van f 249, op elk bij loting (ten over- |
|
18451 |
staan van een notaris) aan te wijzen restant-aandeel, welke restant- |
|
18452 |
VAN Oss. Effectenboek voor 1935. XXXII1. 52 |