|
20666 |
INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN. 837 |
|
20667 |
IJsfabriek „De Krans" v/h. Schoenmakers en Van Dieren Bijvoet te |
|
20668 |
Utrecht (geplaatst kapitaal f 157.000). Kapitaal geaut. f 2.400.000, |
|
20669 |
verdeeld in f 600.000 gewone aandeelen à f 10002) en f 1.800.000 c u- |
|
20670 |
mulatief preferente aandeelen, geheel geplaatst. Oorspron- |
|
20671 |
kelijk bedroeg het geplaatst kapitaal f 125.000, het werd in 1892 verhoogd tot |
|
20672 |
f 600.000, verdeeld in gewone aandeelen. Op 9 September 1915 |
|
20673 |
stond bij de Rotterdamsche Bankvereeniging en de Nationale Bank |
|
20674 |
de inschrijving open op 1200 6 pcts. cum. pref. winstdeelende |
|
20675 |
aandeelen,2) groot f 1000, tot den koers van 100 pct. De preferente |
|
20676 |
aandeelen kunnen te allen tijde geheel of gedeeltelijk, met 3 maanden op- |
|
20677 |
zegging, uit een te vormen bijzonder reservefonds worden geamorti- |
|
20678 |
seerd à 105 pct. inclusief opgeloopen dividend. Het bestuur kan tot |
|
20679 |
f 1.200.000 preferente aandeelen inkoopen. De inschrijving op een verdere |
|
20680 |
f 600.000 dezer preferente aandeelen heeft den 5 September 1916, eveneens |
|
20681 |
bij de Rotterdamsche Bankvereeniging, opengestaan tot den koers van 100 |
|
20682 |
pet., incl. div. 1916/17 en met voorkeursrecht voor houders van reeds uitge- |
|
20683 |
geven cum. pref. aandeelen (2 oude : 1 nieuw, no. 1). Men zie het prospec- |
|
20684 |
tus aan het einde van Deel II, jaarg. 1916/17. Winstverdeeling: Na |
|
20685 |
afschrijvingen, 6 pct. cumulatief dividend aan preferente aandeelhouders, |
|
20686 |
daarna hoogstens 6 pct. dividend aan gewone aandeelhouders. Vervolgens |
|
20687 |
kan een bedrag worden gereserveerd voor speciale doeleinden. Van het |
|
20688 |
overblijvende 25 pct. aan de reserve; van het restant: 63 pct. aan iederen |
|
20689 |
directeur (max 13} pct.); 1 pct. aan iederen commissaris (max. 10 pct.); 20 |
|
20690 |
pct. aan de reserve, terwijl het resteerende komt aan gewone en preferente |
|
20691 |
aandeelhouders met dien verstande, dat een gewoon aandeel daarvan 10 |
|
20692 |
maal zooveel geniet als een pref. aand. Ter aflossing der 7 pct. leening van |
|
20693 |
1921 (zie jrg. 1928) werden uitgegeven f 2.750.000 5 pct. hyp. obliga- |
|
20694 |
tiën 19262) groot f 1000 met coupons 1 Maart en 1 September, |
|
20695 |
waarop 15 Dec. 1926 de inschrijving openstond bij de R. B. V. à 97 pct. A f- |
|
20696 |
lossing1) op 1 Sept. der jaren 1928-1937 resp. 70, 70, 75, 81, 86, 92, |
|
20697 |
100, 105, 112 en 119, 1 Sept. 1938-1944 telkens 120 en 1 Sept. 1945-1952 |
|
20698 |
telkens 125 obligatiën. Versterkte of geheele aflossing met 1 maand op- |
|
20699 |
zegging toegestaan. Aflossing kan zoowel door inkoop als door uit- |
|
20700 |
loting geschieden. Zekerheid: hypotheek op alle onroerende goe- |
|
20701 |
deren der venn., ondergeschikt aan de hypotheken der bestaande 4 en |
|
20702 |
5 pcts. leeningen en een inschrijving ultimo 1934 f 373.800 beloopende. |
|
20703 |
Trustee: Nedam Trust, Amsterdam. Uitstaand bedrag sedert 2 Sep- |
|
20704 |
tember 1933: f 2.276.000. Prospectus in deel II 1927. 5 pct. hyp. |
|
20705 |
obligatiën 1917,2) groot f 1000, met coupons per 2 Jan. en |
|
20706 |
1 Juli, waarvan de eerste 1 Juli 1918 verviel. Aflossing2), aangevan- |
|
20707 |
gen in 1922, door uitloting à pari in Mei van 3 pct. der uitgegeven oblig .; |
|
20708 |
betaling der lossingen vindt plaats 1 Juli d.a.v. Recht tot vervroegde af- |
|
20709 |
lossing vanaf 1 Jan. 1927 voorbehouden. In het prospectus werd bepaald : |
|
20710 |
„De hypotheek wordt verleend voor een klein deel op onbezwaarde eigendommen |
|
20711 |
en voor het overgroote deel op de activa, die nog tot het verband der 4 pct. hyp. |
|
20712 |
1) Op 26 Jan. 1934 keurden de obligatiehouders goed, dat de uitlotingen en aflos- |
|
20713 |
singen 3 jaar worden opgeschort, zoodat de aflossing per 1 Sept. 1934 zal plaats |
|
20714 |
hebben per 1 Sept. 1937 enz. Daar een gelijke opschorting is verleend voor de 5 pct. |
|
20715 |
leening 1917, zal van de obligatiën 1917 en 1926 in deze 3 jaren uit evt. beschik- |
|
20716 |
bare gelden, inkoop plaats vinden, in verhouding 30 : 106. Deze |
|
20717 |
verhouding is berekend naar de verhouding van de opgeschorte aflossingen der 2 |
|
20718 |
leeningen. 2) Op 29 Dec. 1933 keurden de obligatiehouders goed, dat de uitlotingen |
|
20719 |
en aflossingen 3 jaar worden opgeschort, zoodat de aflossing per 1 Juli 1934 zal |
|
20720 |
plaats hebben per 1 Juli 1937 enz. Inkoop, zie noot 1). |
|
20721 |
2) Zie onder reorganisatie hierna in de kleine letter. |