|
8627 |
564 INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN |
|
8628 |
blijkt; zij zijn splitsbaar in 4 onderaandeelen van f 125. Bovendien staan uit 300 |
|
8629 |
winstbewijzen z.n.w. en na uitloting in 1937 van 100 amortisatiebewijzen 900 |
|
8630 |
amortisatiebewijzen van f 300 (zie onder reorganisatie). De houders der buitenge- |
|
8631 |
wone aandeelen kunnen besluiten dat de mpij. hoogstens de helft der uitstaande |
|
8632 |
aandeelen inkoopt. Bij de oprichting werden f 1.250.000 gewone aandeelen |
|
8633 |
uitgegeven n.l. f 778.000 voor den inbreng der bedrijven van de boven, sub. 1 ge- |
|
8634 |
noemde mpij. aan de heeren Stevens en Hellebrekers, die bovendien de 300 winst- |
|
8635 |
bewijzen ontvingen: f 372.000 voor den inbreng der bedrijven van de onder sub |
|
8636 |
2 genoemde mpij., welker liquidateuren bovendien f 109.540 in geld ontvingen; |
|
8637 |
en f 100.000 voor den inbreng van het bedrijf der sub 3 genoemde vennootschap. |
|
8638 |
In April 1919 werden f 1.000.000 cum. preferente- en in Juni 1920 nog f 1.250.000 |
|
8639 |
gewone aandeelen uitgegeven, waarna f 2.500.000 gewone en f 1.000.000 preferente |
|
8640 |
aandeelen waren geplaatst. Bij de reorganisatie werd 50 pct. op de gewone aan- |
|
8641 |
deelen afgeschreven, zoodat daarna uitstonden f 1.000.000 preferente en f 1.250.000 |
|
8642 |
gewone aandeelen, van welke laatste in 1936 f 250.000 werden ingekocht à ca. 33 |
|
8643 |
pct. en ingetrokken. De buitengewone aandeelen werden in 1928 gecreëerd, teneinde |
|
8644 |
het nationaal karakter der mpij. te waarborgen. |
|
8645 |
Winstverdeeling: na afschrijvingen en reserveeringen door het Bestuur te be- |
|
8646 |
palen, eerst ten hoogste f 30.000 voor uitloting van amortisatiebewijzen, ter af- |
|
8647 |
lossing à f 300 per stuk, daarna 6 pct. dividend op de preferente aandeelen en daar- |
|
8648 |
na 6 pct. dividend op de gewone- en buitengewone aandeelen. Van het restant komt |
|
8649 |
10 pct. aan de directie, 10 pct. aan de commissarissen, 10 pct. aan het personeel, |
|
8650 |
1/45 pct. aan elk winstbewijs, terwijl het overige aan pref. en gewone aandeelhou- |
|
8651 |
ders komt, in dier voege, dat gewone aandeelhouders hiervan 1 pct. div. ontvangen |
|
8652 |
tegen pref. 1/5 pct. De A. V. kan echter een deel van het superdividend bestemmen |
|
8653 |
voor extra toevoeging aan de reserve, voor het intrekken van winstbewijzen of |
|
8654 |
voor eenig ander doel. De winstbewijzen kunnen bij besluit der A. V. te allen tijde |
|
8655 |
geheel of gedeeltelijk (door uitloting) worden ingetrokken à f 1000 per stuk. |
|
8656 |
Emissies: Op 2 April 1919 stond bij de T. B. e.a. de inschrijving à pari open op |
|
8657 |
f 1.000.000 6 pct. (toen cum.) pref. winstdeelende aandeelen groot f 1000, inclusief |
|
8658 |
¿ dividend 1918/19. Officieele noteering 9 Juli 1919. Op 4 Juni 1920 stond bij de |
|
8659 |
T. B. de inschrijving open op f 1.250.000 gewone aandeelen, toen groot f 1000 à |
|
8660 |
125 pct incl. ¿ div. 1919/20. Prospectus in deel I, 1921. De gewone aandeelen |
|
8661 |
werden 17 September 1920 in de officieele noteering te Amsterdam opgenomen en |
|
8662 |
konden van 5 Juli 1932 af o.a. bij het Amsterdamsche kantoor der mpij., Nieuwe |
|
8663 |
Looiersgracht 29-33, worden aangeboden ter afstempeling op f 500; sedert 30 |
|
8664 |
Aug. 1932 zijn de aandeelen zonder dit stempel niet leverbaar. Bij afstempeling |
|
8665 |
werden tegen intrekking der oude div.bladen nieuwe dividendbladen met cou- |
|
8666 |
pons no. 26 en volgende afgegeven. |
|
8667 |
Dividend gewone aandeelen 1918/19 en 1919/20: 10 en 18 pct. (op de (oude) |
|
8668 |
aand. deelende in de volle winst); 1920/21-1922/23: 0, 5 en 4 pct .; 1923/24- |
|
8669 |
1935/36: nihil; 1936/37: 5 pct. (no. 26, 24 Nov. 1937). Dividend vroegere 6 pct. |
|
8670 |
cum. pref. winstd. aand. 1918/19-1923/24: 1.7 pct. (3 mnd.), 8.4, 6, 6, 6 en 6 |
|
8671 |
pct .; 1924/25-1926/27: nihil; 1927/28: 12 pct .; 1928/29-1930/31: nihil, waarna |
|
8672 |
nog 30 pct. achterstallig was, voor welke 30 pct. van 5 Juli 1932 af tegen intrekking |
|
8673 |
van dividendbewijzen no. 8, amortisatiebewijzen werden afgegeven van f 300 |
|
8674 |
(zie reorganisatie). Am.bewijzen, welke 1 Jan. 1937 niet waren opgevraagd, ver- |
|
8675 |
vielen aan de vennootschap. Dividend pref. aandeelen 1931/32-1935/36: nihil; |
|
8676 |
1936/37: 6 pct. (no. 9, 24 Nov. 1937). Uitkeering winstbewijzen 1918/19 en 1919/20: |
|
8677 |
f 31,76 en f 149,58 (no. 2); sedert: nihil. |
|
8678 |
Directeuren: H. W. J. Hellebrekers en N. Spaan. Commissarissen: Jhr. Mr. F. |