|
10067 |
590 INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN |
|
10068 |
stuur het voorstel tot afschrijving van 30 pct. op alle uitstaande f 2.676.000 |
|
10069 |
aandeelen en tot tijdelijke verlaging van rente en aflossing op de drie 6 pcts. |
|
10070 |
obligatieleeningen, waarover bijzonderheden hierna. Aandeelhouders namen op |
|
10071 |
4 Mei 1935 de voorstellen aan en het kapitaal bedraagt sedert geautoriseerd |
|
10072 |
f 7.021.000 verdeeld in f 7.000.000 gewone aandeelen groot f 700, waarvan |
|
10073 |
1 Dec. 1937 f 2.545.200 geplaatst en f 21.000 pref. aandeelen op naam, z.g. oligar- |
|
10074 |
chische aandeelen, groot f 700, alle geplaatst. Thans zijn uitsluitend de van |
|
10075 |
f 1000 op f 700 afgestempelde aandeelen*) leverbaar. De mpij. |
|
10076 |
mag eigen aandeelen inkoopen tot de helft van haar geplaatst kapitaal. Er zijn |
|
10077 |
1000 winstbewijzen uitgegeven, te allen tijde ad f 210 afkoopbaar. Bij gedeelte- |
|
10078 |
lijken afkoop vindt loting plaats. Ook kan inkoop beneden f 210 per stuk plaats |
|
10079 |
vinden. |
|
10080 |
Emissie gewone aandeelen: Op 24 Maart 1910 stond bij Dunlop & Van Essen |
|
10081 |
te Amsterdam en Jarman & Zoonen te 's-Gravenhage de inschrijving à pari open |
|
10082 |
op f 1.350.000 aandeelen toen groot f 1000. Het uitstaande bedrag steeg tot |
|
10083 |
f 2.646.000 in 1920 door conversie van f 800.000 5 pct. obligatiën 1912 in evenveel |
|
10084 |
aandeelen en f 744.000 6 pct. obligatiën 1918 in f 496.000 aandeelen. In 1935 |
|
10085 |
volgde de reductie met 30 pct. tot f 1.852.200, terwijl het in 1936 en 1937 (tot |
|
10086 |
1 Dec.) steeg tot f 2.545.200, door conversie tegen f 660.000 obligatiën + |
|
10087 |
f 33.000 contanten. In verband met een verdere uitbreiding van het bedrijf, heeft |
|
10088 |
bij bovengenoemde emittenten op 21 Februari 1918 de inschrijving à pari open- |
|
10089 |
gestaan op f 1.275.000 6 (tijdelijk 4})1) pct. obligatiën van |
|
10090 |
1918. Stukken groot f 1000, met coupons per 1 Jan. en 1 Juli. Conversierecht:1) |
|
10091 |
vanaf 1 October 1918. t/m. 31 Dec. 1925 konden de obligatiën worden geconver- |
|
10092 |
teerd in aandeelen à 150 pct. Aflossing:1) Van 1 Juni 1926 af wordt jaarlijks in |
|
10093 |
Mei minstens 4 pct. van het op 1 Jan. 1926 uitstaand bedrag (ad f 531.000) uit |
|
10094 |
geloot ter uitbetaling op 1 Juli d.a.v. bij de T.B. Uitstaand bedrag: zie ba- |
|
10095 |
lans hierna. Met het oog op verdere uitbreiding, speciaal het in exploitatie |
|
10096 |
brengen van een 4en oven, stond bij meergenoemde emittenten op 3 Juli 1920 |
|
10097 |
de inschrijving à pari open op 2.000.000 6 (tijdelijk 4})1) pct. obli- |
|
10098 |
gatiën van 1920. Stukken groot f 1000, met coupons per 1 Jan. en 1 Juli. |
|
10099 |
Conversierecht:1) vanaf 1 Oct. 1921 t/m. 31 Dec. 1926 kon conversie plaats hebben |
|
10100 |
tegen aandeelen à 200 pct., zoodat 2 obligatiën van f 1000 recht gaven op 1 aandeel. |
|
10101 |
Van dit Conversierecht werd geen gebruik gemaakt. Aflossing1): van 1 Juni |
|
10102 |
1927 af wordt jaarlijks in Mei minstens 4 pct. van het op 1 Jan. 1927 uitstaande |
|
10103 |
bedrag (ad f 2.000.000) uitgeloot ter uitbetaling op 1 Juli d.a.v. bij de T. B. Uit- |
|
10104 |
staand bedrag: zie balans hierna. Bij dezelfde kantoren als voor de vorige |
|
10105 |
leeningen stond 18 October 1928 de inschrijving à pari open op f 600.000 6 (t ij- |
|
10106 |
delijk 4})1) pct. converteerbare obligatiën 1928, groot |
|
10107 |
f 1000, met coupons 1 Jan. en 1 Juli en van 1 Jan. 1929 t/m. 31 Dec. 1935 conver- |
|
10108 |
*) De aanbieding ter afstempeling kon van 16 Sept. 1935 af geschieden bij de H.H. Dunlop & Co. |
|
10109 |
en Jarman & Zoonen te Amsterdam. |
|
10110 |
1) In de (2e) vergaderingen van obligatiehouders der drie 6 pct. leeningen gehouden 2 Mei 1935, wer- |
|
10111 |
den de navolgende voorstellen van het bestuur aangenomen: a. de coupons van 1 Jan. 1936 tot en met |
|
10112 |
die per 1 Jan. 1941 zullen met f 22,50 inplaats van met f 30 (met 4} pct. rente in plaats van 6 pct.) |
|
10113 |
worden betaald; b. de verplichte jaarlijksche aflossing van ieder der leeningen, vervallende tus- |
|
10114 |
schen 1 Jan. 1935 en 30 April 1941, wordt teruggebracht tot één derde van de bij de trust- |
|
10115 |
acten vastgestelde bedragen, naar beneden afgerond. Algeheele of versterkte aflossing blijft voorbehou- |
|
10116 |
den; c. tusschen 1 Jan. 1936 en 30 April 1941 zullen de obligatiën van alle drie leeningen door de |
|
10117 |
houders mogen worden geconverteerd in gewone aandeelen en wel f 2000 obligatiën plus f 100 contan- |
|
10118 |
ten tegen nom. f 2100 aandeelen. |
|
10119 |
Per 15 Oct. 1937 werden telkens 103 dus in totaal 206 obligatiën en per 15 Jan. 1938 180 obligatiën |
|
10120 |
extra uitgeloot met recht van conversie tot aan den dag der aflossing. In 1937 werden tot 1 Dec., |
|
10121 |
f 522.000 obligaties geconverteerd. |