|
41406 |
SUIKER-ONDERNEMINGEN 1133 |
|
41407 |
N.V. TJEWENG LESTARI (SUIKERFABRIEKEN), oorspronkelijk „Maat- |
|
41408 |
schappij Suikerfabriek Kaliewoengoe", vervolgens „Maatschappij Suikerfabriek |
|
41409 |
Tjeweng" geheeten en sedert 1913 „Tjeweng Lestari” genaamd. Gevestigd te Soe- |
|
41410 |
rabaja; zetel der directie te 's-Gravenhage. Opgericht: 13 Februari 1884. Duur: |
|
41411 |
tot 5 Maart 1959. |
|
41412 |
Doel: de uitoefening der suikercultuur in Nederlandsch-Indië in den ruimsten |
|
41413 |
zin des woords. |
|
41414 |
Bedrijf: De Vennootschap bezat aanvankelijk alleen de suikerfabriek Tjeweng |
|
41415 |
en had voor tijdelijke uitbreiding van den rietaanplant een overeenkomst met |
|
41416 |
de Cultuur-Mpij. Brenggolo, gedurende 1901-1911. Deze overeenkomst werd |
|
41417 |
voor 1912 niet hernieuwd. Teneinde vergrooting van het plant-areaal te ver- |
|
41418 |
krijgen, werden in 1911 alle aandeelen opgekocht der Mpij. Suikerfabriek Lestari, |
|
41419 |
welke laatste in 1912 met de mpij. werd samengesmolten. Op 15 Augustus 1935, |
|
41420 |
werd door de vennootschap voor f 360.000 gekocht de suikeronderneming van |
|
41421 |
de N.V. Cultuur Mpij. „Panggoongredjo" inclusief de vergunningen voor de |
|
41422 |
productie van suiker. De outillage der fabriek werd geconserveerd, zoodat deze |
|
41423 |
fabriek als reservefabriek wordt aangehouden. Begin 1936 werd voor eens en voor |
|
41424 |
goed de helft of 65.170 Qt. van het productie-aandeel der onderneming „Baron“, |
|
41425 |
grenzende aan Lestari, verkregen voor f 5,76 per Qt. normaal productie. |
|
41426 |
Een in 1937 voorgestelde fusie met de Cultuur Mij. „Telaga Patengan" vond |
|
41427 |
geen doorgang. |
|
41428 |
Vezelcultuur. Op 24 Jan. 1939 werd door 4 belanghebbenden opgericht de |
|
41429 |
„Javasche Vezelonderneming, N.V. (Javo)" met een geautoriseerd kapitaal van |
|
41430 |
f 2.500.000, waarvan bij de oprichting geplaatst f 918.000, waarin T.L. deelnam |
|
41431 |
voor f 320.000, waarvan f 245.000 in contanten werd gestort en f 75.000 werd |
|
41432 |
geacht te zijn gestort als vergoeding voor rechten en perceelen van eigendom, |
|
41433 |
deel uitmakende van de onderneming „Panggoongredjo”. Het belang werd in |
|
41434 |
1939 uitgebreid tot f 413.000 aandeelen. De nieuwe mij. exploiteert een zakken- |
|
41435 |
fabriek, waar de door haar verbouwde éénjarige vezel zal worden verwerkt. |
|
41436 |
Kapitaal geautoriseerd f 4.000.000 Ind. Crt., waarvan geplaatst f 3.000.000 |
|
41437 |
in aandeelen, groot f 1000. Het geplaatst bedrag steeg van f 300.000 bij |
|
41438 |
de oprichting tot f 600.000 in 1893, tot f 1.200.000 in 1913, tot f 2.400.000 |
|
41439 |
in 1920 en tot f 3.000.000 in 1921. |
|
41440 |
Emissies: Op 20 Jan. 1913 stond bij de N.I.H. de inschrijving open à 1022 pct. |
|
41441 |
op f 600.000 aand (Ind .- Crt.) (voorkeur 1 : 1, no. 11). De opbrengst dezer uit- |
|
41442 |
gifte diende voor een deel tot aflossing eener obligatieleening, groot pro resto |
|
41443 |
f 350.000. Wegens voor uitbreiding en vernieuwing der fabrieken benoodigd |
|
41444 |
kapitaal stond 28 Juli 1920 bij dezelfde emittente de inschrijving à pari open |
|
41445 |
op f 1.200.000 aand. (Ind. Crt.) uitsluitend voor aandeelhouders (1 : 1, no. 11). |
|
41446 |
Prospectus aan het einde van deel I 1921. In 1921 werd 25 pct. dividend in |
|
41447 |
aandeelen uitgekeerd, waarbij aandeelhouders tegen inlevering van 4 dividend- |
|
41448 |
bewijzen no. 14, voor f 1000 nieuwe aandeelen ontvingen. |
|
41449 |
Certificaten van aandeelen. Door de Centrale Trust Compagnie werd in ver- |
|
41450 |
band met de uitkeering van het stock-dividend over 1920 een afdeeling geopend |
|
41451 |
voor certificaten groot f 250. Tot 31 Dec. 1921 konden houders van claimbe- |
|
41452 |
wijzen tegen betaling van f 3,- kosten één certificaat per claim in ontvangst |
|
41453 |
nemen. Kosten van aanmaak verder f 5,- per certificaat. Royement f 1,- |
|
41454 |
per cert. van f 250, -. Uitkeeringen geschieden na aftrek van 1 pct. De cer- |
|
41455 |
tificaten hebben geen noteering. |
|
41456 |
Winstverdeeling: Na aftrek van Indische tantièmes, afschrijvingen en dotatie |
|
41457 |
aan de statutaire reserve, eerst 5 pct. dividend op de aandeelen; van de over- |