|
18866 |
994 SCHEEPVAART-MAATSCHAPPIJEN (Nederland en Koloniën). |
|
18867 |
10 seriën, te zamen f 14.000.000, zijn geplaatst, waarvan de 7e tot en met |
|
18868 |
de 12e zijn overgegaan aan de Nederl. Scheepvaart Unie, (zie aldaar). Er |
|
18869 |
zijn 1600 winstbewijzen uitgegeven. Aandeelen groot f 1000 |
|
18870 |
aan toonder. Zij waren eerst voorzien van coupons, verschijnende 1 Jan. |
|
18871 |
1889-1891, betaalb. met 4 pct. per jaar; sedert genieten zij gewone dividen- |
|
18872 |
den. Winstverdeeling: eerst 6 pct. aan de aandeelhouders en van |
|
18873 |
de overwinst 10 pct. aan het reservefonds, totdat dit 10 pct. van het geplaatst |
|
18874 |
kapitaal bereikt heeft (sedert 1911 het. geval); van het restant 15 pct. |
|
18875 |
aan den raad van bestuur en den directeur in Nederland te zamen, 5 pct. aan |
|
18876 |
den president-directeur in Nederlandsch-Indië, 5 pct. ten behoeve van het |
|
18877 |
personeel, 20 pct. aan de houders der winstaandeelen en 55 pct. aan de aan- |
|
18878 |
deelhouders. Dividenden 1891-1911: 0, 2, 7, 9, 7}, 10, 9, 9%, |
|
18879 |
83, 10, 10, 8, 7, 7, 9, 9}, 8}, 83, 6, 10 en 9 pct. (betaalbaar |
|
18880 |
op no. 23). Bewijzen nos. 8, 10 en 12 waren claims bij emissie |
|
18881 |
van aandeelen. Uitkeering op 1600 winstbewijzen 1893- |
|
18882 |
1911, in guldens: 13.60, 40.90, 20.50, 54.50, 40.90, 51.15, 39.80, 63.60, 72.75, |
|
18883 |
45.45, 22.75, 22.70, 68.20, 79.55, 56.80, 62.50, 0, 109.10 en f 95.45 (no. 18). 4 pcts. |
|
18884 |
obligatiën van 1903/9. Leening 1903, geautoriseerd groot f 3.000.000. |
|
18885 |
Hiervan werd aanvankelijk f 2.000.000 (nos. 1-2000) uitgegeven, waarop de in- |
|
18886 |
schrijving was opengesteld à 101 pct. op 17 Februari 1903 bij de Nederl. Han- |
|
18887 |
del Maatschappij. De inschrijving op de resteerende f 1.000.000 dezer lee- |
|
18888 |
ning (nos. 2001-3000) was op 10 April 1908 tot den koers van 99} pct. |
|
18889 |
ten kantore der maatschappij opengesteld. Op 26 November 1908 stond |
|
18890 |
bij de Nederl. Handel Maatschappij de inschrijving open op f 1.000.000 4 |
|
18891 |
pets. obligatiën, tot den koers van 101 pct., en op 14 December bij dezelfde |
|
18892 |
emittente op f 1.000.000 4 pcts. oblig. 1909, tot den koers van 101} pct. |
|
18893 |
Obligatiën, groot f 1000, met coupons per 1 Jan. en 1 Juli. Uitloting |
|
18894 |
in December, ter afbetaling op 1 Jan. d.a.v. Rooster vanaflossing: |
|
18895 |
Voor het in 1903 uitgegeven gedeelte ad f 2.000.000: Op 1 Jan. 1909-1928 |
|
18896 |
worden aflosbaar gesteld: 58, 61, 63, 66, 68, 71, 74, 77, 80, 83, 87, 90, 93, 97, |
|
18897 |
102, 105, 109, 114, 118 en 124 obligatiën. Voor het in April 1908 uitgegeven ge- |
|
18898 |
deelte ad f 1.000.000, 1 Jan. 1909-33: 24, 25, 26, 27, 28, 29, 30, 31, 33, 34, 36, |
|
18899 |
37, 38, 40, 42, 43, 45, 47, 49, 51, 52, 55, 57, 59 en 62 obligatiën. Van de lee- |
|
18900 |
ning van Nov. 1908 worden afgelost: 1910-1934: 24, 25, 26, 27, 28, 29, 30, 32, |
|
18901 |
33, 34, 35, 37, 39, 40, 41, 44, 45, 46, 49, 51, 52, 55, 57, 59 en 62 stuks; van de |
|
18902 |
leening van Dec. 1909, van 1911-1935 in dezelfde volgorde. Uitstaande |
|
18903 |
bedragen op 2 Januari 1913 resp. f 1.424.000, f 870.000, f 898.000 en f 925.000. |
|
18904 |
Raad van Bestuur: Jhr. L. P. D. op ten Noort, voorzitter; P. E. |
|
18905 |
Tegelberg, vice-voorzitter; Jhr. P. Hartsen, H. C. van den Honert, B. E. |
|
18906 |
Ruys, C. J. K. van Aalst, G. H. Hintzen en Mr. D. Josephus Jitta, secre- |
|
18907 |
taris. Directeur in Nederland: J. H. Hummel. Regeerings- |
|
18908 |
commissaris: Dr. E. B. Kielstra. Directie in Ned .- Indië: |
|
18909 |
L. J. Lambach, president-directeur, M. C. Koning en Jhr. J. H. Cornets de |
|
18910 |
Groot, directeuren. |
|
18911 |
Uit Verslag 1911. Wij verloren door brand twee schepen. In dienst kwamen 3 |
|
18912 |
nieuwe stoomschepen; einde 1911 waren nog 11 schepen in aanbouw; begin 1912 |
|
18913 |
werden nog 4 schepen besteld. De vaarten op Australië en Siam brachten wederom |
|
18914 |
groote offers mee. Wederom nam het particulier-, incl. het doorvoerverkeer, aan- |
|
18915 |
zienlijk toe; het gouvernementsvervoer bleef nagenoeg gelijk. De premiën voor eigen |
|
18916 |
risico op de vloot bedroegen f 346.326. Aan schaden is geboekt f 373.690, voor afge- |
|
18917 |
dane schaden moest f 449.182 worden gereserveerd. In 1910 werd uit dien hoofde |
|
18918 |
f 169.684 gereserveerd, zoodat het nadeelig saldo dezer rekening f 306.861 bedraagt, |
|
18919 |
hetwelk op assurantie-reserverekening is gebracht. |