|
56283 |
SPOORWEGFONDSEN. 1501 |
|
56284 |
weg wordt gegeven voor een tijdvak van 99 jaren (tot Dec. 1971). De concessiën, |
|
56285 |
voor later aan te leggen verlengingen of zijtakken verleend, vervallen tegelijkertijd |
|
56286 |
met de concessiën voor de hoofdlijn. Na afloop van den termijn, voor de concessie |
|
56287 |
bepaalt, vervalt de weg met alle toebehooren, vrij en onbezwaard aan den Staat. |
|
56288 |
Art. 71. De Staat heeft het recht, de onderneming te naasten twintig jaren na- |
|
56289 |
dat de weg in zijn geheel in exploitatie zal zijn geweest, en verder na elke tien |
|
56290 |
jaren exploitatie. De naasting geschiedt tegen den prijs, die volgenderwijze wordt |
|
56291 |
gevonden: ,Men berekent de zuivere opbrengst van de laatste zeven jaren, trekt |
|
56292 |
daarvan de twee ongunstige jaren af, en neemt het gemiddeld bedrag der na |
|
56293 |
aftrekking overblijvende vijf jaren, en brengt de alzoo verkregen som, door die |
|
56294 |
met 25 te vermenigvuldigen, tot kapitaal. De prijs kan niet minder bedragen dan |
|
56295 |
het oorspronkelijk vennootschappelijk kapitaal, verminderd met hetgeen voor in- |
|
56296 |
koop en aflossing van aandeelen en obligatiën is besteed. De betaling geschiedt |
|
56297 |
aan de concessionarissen, zes maanden na de finale overname van den spoorweg. |
|
56298 |
Van het voornemen om te naasten wordt minstens een jaar te voren aan de con- |
|
56299 |
cessionarissen kennis gegeven. Art 90. Zoodra de winst- en verliesreken. een zuivere |
|
56300 |
winst aantoont van meer dan 5 pct., zal dat meerdere tot een bedrag van |
|
56301 |
1 pct. worden ingehouden tot terugbetaling aan den Staat van hetgeen deze voor |
|
56302 |
rente gedurende den tijd van aanbouw heeft betaald, en van de eventueele voor- |
|
56303 |
schotten, door hem verstrekt, ten gevolge van den waarborg der rente. Zoolang |
|
56304 |
de Staat crediteur der vennootschap is, zal geene hoogere winst dan 7 pct. aan |
|
56305 |
de aandeelhouders mogen worden uitgekeerd, maar het meerdere voor twee derde |
|
56306 |
deelen mede moeten strekken tot delging der schuld, aan den Staat, terwijl van het |
|
56307 |
overige de helft wordt uitgekeerd aan het bestuur der vennootschap, en de andere |
|
56308 |
helft op de reserverekening wordt gebracht. Zoodra de schuld aan den Staat ge- |
|
56309 |
heel is afgedragen, treedt deze op voor een deel der winsten, die Jaarlijks boven |
|
56310 |
de 5 pct. worden verkregen, zullende dit meerdere alsdan worden verdeeld: 50 pct. |
|
56311 |
aan de aandeelhouders, 25 pct. aan den Staat, 15 pct. aan het reservefonds, 10 pct |
|
56312 |
aan het bestuur der vennootschap. Zoodra het reservefonds tot het maximum |
|
56313 |
van f 500.000 is gebracht, houdt de bijdrage onder dit hoofd op, en wordt het |
|
56314 |
gebracht op de amortisatie-rekening. |
|
56315 |
Gewijzigde concessievoorwaarden voor de Stoomtramwegen der |
|
56316 |
N. I. S. in Midden Java. |
|
56317 |
De voornaamste bepalingen dezer in October 1913 gewijzigde concessievoorwaarden |
|
56318 |
volgen hieronder. |
|
56319 |
Concessie is verleend voor de volgende groepen : |
|
56320 |
K.M |
|
56321 |
Groep 1 Djokja-Brossot met zijlijnen 59 |
|
56322 |
,, 2 Djokja-Willem I 111 |
|
56323 |
", 3 Goendih-Soerabaja 383 |
|
56324 |
4 Bojolali-Solo-Kakap 99 |
|
56325 |
5 Semarang-Gambringan 62 |
|
56326 |
714 |
|
56327 |
Duur der concessie: tot 31 December 1971. |
|
56328 |
Naastingsrecht. Na 31 December 1935 kunnen de tramwegen te allen tijde |
|
56329 |
door het Gouvernement worden genaast, mits voorafgaande kennisgeving van één |
|
56330 |
jaar, welke kennisgeving echter geen bindende kracht heeft. Bij naasting van den |
|
56331 |
spoorweg Semarang-Vorstenlanden vóór of op het tijdstip waarop de concessie voor |
|
56332 |
dien spoorweg afloopt, is het Gouvernement verplicht den tramweg Djokja-Brossot |
|
56333 |
tevens over te nemen. Voor groep 5 is naasting te allen tijde mogelijk 10 jaren |
|
56334 |
na het eerste jaar, waarop de hoofdlijn dier groep in dienst werd gesteld. |
|
56335 |
Bedrag te betalen bij naasting of bij overneming na het |
|
56336 |
einde der concessie. |
|
56337 |
I. Als naastingssom geldt voor elke groep afzonderlijk een bedrag A, berekend |
|
56338 |
naar onderstaande formule: |
|
56339 |
C -- D |
|
56340 |
A = B + (25 E-B) X - |
|
56341 |
C |
|
56342 |
Verklaring: |
|
56343 |
B = de boekwaarde der goederen op het oogenblik van naasting, t.w. het totaal |
|
56344 |
der bouw- en uitbreidingsrekening plus de kostprijs van het bij naasting aanwezige |