|
45669 |
1314 SCHEEPVAART-MAATSCHAPPIJEN. |
|
45670 |
voor rente en aflossing waren gewaarborgd. (Zie den jaarg. 1907, blz. 851). |
|
45671 |
In Oct. 1882 werden door de erfgenamen van den in 1879 overleden prins, |
|
45672 |
'de nog uitstaande f 2.913.000 obligatiën geheel afgelost. De erfgenamen |
|
45673 |
ontvingen daartegen à pari volgen. overeenkomst f 1 456.500 aandeelen B, |
|
45674 |
preferent voor f 25 .- uit de winst, na afschrijvingen, 1600 bewijzen van |
|
45675 |
deelgerechtigdheid, welke laatste in 1883 door de Mpij. werden ingekocht, |
|
45676 |
benevens het door Prins Hendrik aan de Mpij. gedaan renteloos voor- |
|
45677 |
schot van f 110.815. Het overige kapitaal werd gereduceerd tot |
|
45678 |
50 pct., en zoodoende gebracht van f 1.169.000 op f 584.500, zoodat |
|
45679 |
na deze regeling het kapitaal bedroeg f 2.041.000, verdeeld in twee seriën: |
|
45680 |
de eerste serie, in gewone aandeelen A, groot f 584.500, de tweede serie, in |
|
45681 |
preferente aandeelen B, groot f 1.456.500. In 1899 werd elk dezer beide |
|
45682 |
seriën op de helft verminderd; derhalve tot f 292.250 gewone aandeelen A |
|
45683 |
en f 728.250 pref. aandeelen B, tezamen f 1.020.500. In Juni 1911 nam de Mpij. |
|
45684 |
tot Exploitatie van S.S. f 1.000.000 aandeelen à 100 pct. over (in 1921 |
|
45685 |
weder à pari aan den Staat verkocht), terwijl van de preferente aandeelen |
|
45686 |
het recht van preferentie werd afgekocht door vergoeding van f 50 per stuk, |
|
45687 |
zoodat het kapitaal thans uit f 2.020.500 aandeelen bestaat, en verdeeld |
|
45688 |
is in 3 seriën, t.w. de serie A, a'd f 292.250, in stukken groot f 250 en (f 125), |
|
45689 |
serie B ad f 728.250, in stukken groot f 250 en serie C ad f 1.000.000 in stukken |
|
45690 |
groot f 250. Winstverdeeling: na afschrijvingen eerst 5 pct. divi- |
|
45691 |
dend op de aandeelen. De rest komt ter beschikking der A. V. Indien deze |
|
45692 |
tot uitkeering besluit geschiedt de verdeeling als volgt: 10 pct. aan |
|
45693 |
het reservefonds, 5 pct. aan de commissarissen, 5 pct. aan de |
|
45694 |
directie, 5 pct. aan commissarissen ten bate van derden en 75 |
|
45695 |
pct. aan de aandeelhouders. Dividenden: 1875-1881: nihil, |
|
45696 |
1882-1886: 5.4, 6, 6, 6 en 6 pct .; 1887-1911: nihil; 1912-1914: 6, 6 en |
|
45697 |
10 pct. (no. 3), sedert : 0 pct. 3 pct. Obligatieleening van 1886, |
|
45698 |
groot f 3.600.000, uitgegeven ter aflossing der toenmaals bestaande 5 pct. |
|
45699 |
leeningen van 1875, (per resto groot f 525.200) en van 1885 (per resto groot |
|
45700 |
f 2.000.000). Koers van uitgifte 87 pct. Voor uitstaand bedrag, zie balans. |
|
45701 |
Obligatiën groot f 1000; coupons 1 Jan. en 1 Juli; aflosbaar |
|
45702 |
à pari door uitloting in Juni, ter uitbetaling op 1 Juli d.a.v., behoudens |
|
45703 |
vervroegde aflossing. In 1901 t.e.m. 1910 werd niets afgelost. Op ult. Juni |
|
45704 |
1911 was f 899.000 aan de uitloting achterstallig. De achterstand werd in 1911 |
|
45705 |
terugbetaald, voor het grootste deel uit een hierna te noemen leening |
|
45706 |
met de Mpij. t. Expl. van S. S. Uitgeloot zouden worden in de jaren 1911- |
|
45707 |
1927: 94. 97, 100, 103, 106, 109, 112, 116, 120, 123, 126, 130, 135, 139, 143, 147 |
|
45708 |
en 151 oblig. In 1921-1923 kon in verband met den financieelen toestand |
|
45709 |
der mpij. geen uitloting plaats hebben, doch in 1924 werden tweemaal 100 en |
|
45710 |
in 1925 tweemaal 150 oblig. uitgeloot. In Juli 1895 gaf de M. t. E. v. S. S. |
|
45711 |
eene 3 pcts. leening uit groot f 3.000.000, waaruit zij aan de Mpij Zeeland |
|
45712 |
voor den aanbouw van 3 nieuwe snelvarende stoomschepen f 2.810 898.35 |
|
45713 |
leende tegen 33 pct. 's jaais onder hypothecair verhand van de stoomsche- |
|
45714 |
pen der Mij. „,Zeeland"; in den loop van 1912 is deze hypothecaire leening |
|
45715 |
geheel afgelost uit een daartoe gevormd aflossingsfonds In 1911 leende 'de |
|
45716 |
„Zeeland” f 450.000 à pari, tegen 4 pct. van de S.S., teneinde daarmede de |
|
45717 |
achterstallige uitlotingen van oblig. 1886 te bewerkstelligen (zie hierboven). |
|
45718 |
Regeeringsovereenkomst: (in 1898 en 1908 gewijzigd en telkens |
|
45719 |
voor 10 jaar verlengd); op 1 Oct. 1918 vernieuwd tot 31 Dec. 1919. Ingaande |
|
45720 |
1 Jan. 1920 werd een nieuwe overeenkomst aangegaan voor onbepaalden |
|
45721 |
tijd. Wederzijdsche opzegging is mogelijk vóór 1 Juli per 1 Januari d.a.v. |
|
45722 |
Volgens dit contract verbindt de mpij. zich tusschen Vlissingen en |